Kindcentrum Brede School Noord

Voorwoord

Kinderopvang is onze passie. Samenwerken zit in ons bloed. Wij voelen ons verantwoordelijk voor de ontwikkeling van elk kind en willen daar elke dag mee bezig zijn.

Voor u ligt het pedagogisch werkplan van Puck&Co Kindcentrum Brede School Noord. In dit plan staat beschreven hoe wij onze visie in praktijk brengen. Voor onze algemene visie verwijzen wij u graag naar het Pedagogisch Beleidsplan.

Op Kindcentrum Bredeschool Noord bieden wij dagopvang, peuteropvang en buitenschoolse opvang.

Kindcentrum Brede School Noord bestaat uit de volgende groepen:

  • Zeelelies: een verticale groep voor kinderen van 0 t/m 4 jaar (max. 16 kinderen).
  • Zeesterren: een verticale groep voor kinderen van 0 t/m 4 jaar (max. 16 kinderen).
  • Zee-egels: een verticale groep voor kinderen van 0 t/m 4 jaar (max. 16 kinderen).
  • De Spelerij een peutergroep voor kinderen van 2 t/m 4 jaar (max.16 kinderen)
  • De Ontdekkers: een peutergroep voor kinderen van 3 t/m 4 jaar (max. 16 kinderen)
  • BSO: een buitenschoolse groep voor kinderen in de leeftijd van 4 t/m 13 jaar, de stamgroepen zijn verdeel in verschillende leeftijdsgroepen. (max. 77 kinderen)

Dit pedagogisch werkplan is een plan over visie, werkwijze, samenwerking en omgangsvormen binnen Kindcentrum Brede School Noord en is bedoeld voor ouders/verzorgers van de kinderen en voor de pedagogisch medewerkers. Het is tot stand gekomen vanuit het pedagogisch beleid of de kwaliteitskaarten van Puck&Co. Veel zaken overlappen elkaar. Dit betekent dat u regelmatig tegen zult komen dat wij refereren aan het pedagogisch beleidsplan of andere beleidsmatige stukken die reeds aanwezig zijn binnen Puck&Co. Het complete pedagogisch beleid kunt u downloaden vanaf de website www.puckenco.nl of opvragen bij onze afdeling Klant&Service.

We werken vanuit vier basisdoelen met kinderen

  • Bieden van emotionele en fysieke veiligheid; we willen kinderen een fysiek en emotioneel veilige omgeving bieden;
  • Gelegenheid bieden tot het ontwikkelen van persoonlijke competenties; we willen dat kinderen bij ons kunnen spelen;
  • Gelegenheid bieden tot het ontwikkelen van sociale competenties; we willen dat kinderen bij ons kunnen ontmoeten;
  • Overdracht van normen en waarden; we willen dat kinderen zich bij ons individueel en sociaal kunnen ontwikkelen.

Deze vier basisdoelen worden in dit werkplan uitvoerig beschreven op zodanige wijze dat een ieder Kindcentrum Brede School Noord herkent. Het ‘eigene’ van ons werk is hier duidelijk terug te vinden.

We gaan er vanuit dat kinderen een natuurlijke kracht hebben om zich te ontwikkelen met veel mogelijkheden in zich. We zien het kind als een ‘onderzoeker’ en ‘ontwikkelaar’. Kinderen moeten op hun eigen manier de wereld ontdekken. Dat ontdekken gaat door spel, activiteiten, communiceren en exploreren. We vinden het belangrijk dat kinderen gezien, gekend en bevestigd worden.

Dit pedagogisch werkplan is niet statisch. Het vraagt om regelmatige bijsturing, omdat de opvang van kinderen in een groep een dynamisch proces is. Het geeft richting aan ons handelen, het biedt houvast en het geeft duidelijkheid. Het dagritme dat het kind meemaakt, wordt in dit pedagogisch werkplan gebruikt als leidraad. Daarnaast zullen de verschillende ontwikkelingsgebieden in dit plan aan de orde komen.

Namens alle medewerkers van Kindcentrum Brede School Noord

Veel leesplezier!

Kindcentrum Bredeschool Noord

de Plataan 32a

6941 ZN Didam

(0316) 745397    Zee-egels
(0316) 745395    De Zeesterren
(0316) 745392    De Zeelelies

(0316) 745393    De Ontdekkers

(0316) 745394    De Spelerij

(0316) 745391     BSO: Bengels, Bikkels, Kanjers

NOOT:
In verband met de leesbaarheid is gekozen om in de gehele tekst het woord ‘ouders’ te gebruiken. Hier kan ook ‘verzorgers’ worden gelezen.

Inhoudsopgave:

Opvang

1.1 Visie op de opvoeding van kinderen en de rol van de pedagogisch medewerkers

Ieder kind ervaart en bekijkt de wereld vanuit zijn eigen beleving en ontwikkelings-niveau. Ieder kind is uniek en vraagt om een eigen benadering die bij hem past. Dit houdt in dat we objectief naar ze kijken en luisteren en ingaan op wat ze aangeven. Ons inleven in het ontwikkelingsniveau en de belevingswereld van een kind is daarbij een voorwaarde. In dit hoofdstuk leest u onze visie en hoe we dit concreet vorm willen geven.

We willen kinderen een fysiek en emotioneel veilige omgeving bieden

We heten elk kind individueel welkom bij binnenkomst op de groep. De relatie met de pedagogisch medewerker moet het kind een gevoel van veiligheid, geborgenheid en vertrouwen geven, zodat het kind de omgeving durft te ontdekken en te onderzoeken. Dit doen wij door bewust te kijken en te luisteren naar kinderen. Door gevoelig te zijn voor de signalen die een kind verbaal en non-verbaal geeft, te luisteren en hier adequaat op in te gaan (dit noem je sensitieve responsiviteit), nemen we het kind serieus. Het gevoel van veiligheid is de basis voor kinderen om zich te kunnen ontwikkelen. Als een kind zich veilig voelt en weet dat het op een pedagogisch medewerker terug kan vallen, kan het zijn aandacht richten op zichzelf en

de omgeving en nieuwe indrukken opdoen. Dit geeft een kind zelfvertrouwen en draagt bij tot een positief zelfbeeld. We monitoren het welbevinden van de kinderen. Een goede sfeer op de groep wordt gestimuleerd door aandacht te tonen, zorg voor elkaar te stimuleren en positief te kijken en luisteren naar ieder kind.

Een fysiek veilige omgeving voorkomt dat kinderen terecht komen in gevaarlijke situaties. De pedagogisch medewerker biedt door middel van structuur, en wanneer nodig het nemen van de leiding, het kind een veilige omgeving waarin het ongehinderd op onderzoek uit kan gaan. Bijvoorbeeld door het hebben van een duidelijke dagindeling en het consequent hanteren van (een paar) regels en afspraken. Wij vinden het belangrijk om evenwicht te vinden tussen het bieden van enerzijds vrijheid en ruimte en anderzijds structuur.

De volgende afspraken en regels hanteren wij op de groepen binnen Puck&Co om voor veiligheid te zorgen

  • Kindvriendelijk speelgoed; geen scherpe, kapotte of te kleine onderdelen, geschikt voor leeftijds-
    groep 0 t/m 4 jaar
  • Gevaarlijke dingen zoals scharen of schoonmaakmiddelen staan buiten het bereik van kinderen
  • Baby’s slapen onder een lakentje, op hun rug en niet te warm om wiegendood te voorkomen
  • Als er kinderen slapen wordt er regelmatig gecontroleerd, bij baby’s om het kwartier
  • Jaarlijkse controle van risico objecten zoals speeltoestellen
  • Er is altijd een pedagogisch medewerker met kinder-EHBO en BHV diploma aanwezig
  • Geïmplementeerde en actuele monitor en beleid Veiligheid&Gezondheid aanwezig op locatie
  • De noodbedjes worden vrijgehouden voor het geval zich calamiteiten voordoen
  • Er zijn geen kussens of losse doeken in de bedden van de kinderen

De volgende afspraken en regels hanteren wij op de groepen binnen Kindcentrum Brede School Noord om voor veiligheid te zorgen:

  • Jaarlijkse controle van risico objecten als klimtoestellen
  • Kindvriendelijke speelgoed
  • Gangen vrij houden i.v.m. brandgevaar
  • Schoonmaakmiddelen staan buiten bereik van kinderen

Wij leren de kinderen om:

  • Zoveel mogelijk gewoon te lopen, niet te rennen op de groep
  • Elkaar niet te slaan of bijten
  • Niet te staan of klimmen op de meubels
  • Zorgvuldig om te gaan met speelgoed en wanneer het kapot is het na overleg weg te gooien

Binnen Kindcentrum Bredeschool Noord doen wij dit op de volgende manier:

  • Wij spreken elkaar aan op ongewenst gedrag en creëren hierdoor openheid voor het tonen van emoties en delen van een mening
  • Pesten wordt besproken met (BSO) kinderen (zie bijlage pestprotocol school)
  • Rekening houden met de verschillende culturen door respect te hebben voor elkaars verschillen, praten over verschillen en gelijkenissen en elkaars culturen te laten ervaren
  • Kinderen te stimuleren met uitdagend (leeftijdsgericht) speelgoed en interessante thema’s willen wij de kans op verveling zoveel mogelijk beperken. Hierdoor kan ongewenst gedrag zoveel mogelijk worden ingeperkt. Ook door te luisteren naar de kinderen en te praten over wat er bij hen speelt.

We willen dat kinderen bij ons kunnen spelen

Wanneer je naar jonge kinderen kijkt, valt één ding onmiddellijk op; kinderen zijn altijd bezig, spontaan en ze spelen met volledige overgave.

Kinderen willen experimenteren en ontdekken, hebben plezier en vinden alles leuk. Spel is het ontdekken van jezelf, het ontdekken van de ander en het ontdekken van de wereld. Met fantasiespel, speelt het de ‘grote’ wereld na. Kinderen ontdekken de materialen en voorwerpen, ze voeren handelingen uit en uiteindelijk spelen ze rollen uit het ‘echte leven’ na.

We geven kinderen ook de ruimte om los te komen van de stereotype rol van jongen-meisje. Jongens mogen bij ons met poppen spelen, speldjes in de haren hebben en ‘meisjeskleren’ dragen als ze zich willen verkleden. Meisjes mogen met auto’s spelen en in hun fantasiespel kunnen zij ridder, vader of boef zijn. Lichamelijke verschillen tussen jongens en meisjes worden bij ons benoemd als het kind er zelf mee komt.

Ruimte om te spelen is de kern en basis van ons aanbod en handelen. Wij zorgen voor een rijke speelleeromgeving en stimuleren bijvoorbeeld de ontwikkeling van de kinderen tijdens het meespelen. Onder het kopje ‘werkwijze en dagindeling’ staat uitgewerkt hoe ons aanbod en handelen er concreet uitziet.

We willen dat kinderen zich bij ons kunnen ontwikkelen; individueel, want ieder kind is uniek

Het uitgangspunt binnen Puck&Co is dat wij kinderen de ruimte geven om zich op eigen wijze te ontwikkelen. Hiermee bedoelen we dat we kinderen de vrijheid geven zelf te kiezen wát ze willen doen, in hun eigen tempo, waarbij ze initiatieven mogen nemen waar pedagogisch medewerkers positief op ingaan, oftewel we hebben respect voor de autonomie van het kind. Veel spelmateriaal op de groepen staat daarom op kind hoogte. Kinderen mogen zelf spelmateriaal pakken, mits dit veilig is. Wij proberen een zo gevarieerd mogelijk aanbod te doen in materialen en activiteiten waarbij wij rekening houden met de verschillende ontwikkelingsniveaus en behoeftes van de kinderen. Wij stimuleren hierbij de taal, rekenwiskundige, creatieve, motorische, zintuiglijke, sociaal-emotionele en cognitieve ontwikkeling van kinderen op een manier die past bij de leeftijd van de kinderen. Hoe wij dit concreet doen, staat uitgewerkt onder het kopje ‘werkwijze en dagindeling’.

Wanneer een kind ervaart dat het iets zelf kan, geeft dat een gevoel van trots en zelfvertrouwen. Een extra stimulans om door te gaan met die ontwikkeling. Wij proberen de kinderen daarin te stimuleren door bijvoorbeeld het geven van extra ‘taken’ (helpen van de pedagogisch medewerkers), etc.

Het hangt van (de leeftijd van) het kind af hoeveel letterlijke ruimte geboden kan worden. Van een peuter die alleen naar het toilet gaat tot een groep oudere kinderen die even ‘alleen’ buiten spelen (met toestemming van ouders). Er wordt tussen de pedagogisch medewerkers goed afgesproken hoeveel ‘ruimte’ ieder kind krijgt/ kan krijgen. Wij vinden dat kinderen deze ruimte nodig hebben om zich optimaal te kunnen ontwikkelen.

We willen dat kinderen zich bij ons kunnen ontwikkelen; in contact met leeftijdsgenootjes en andere kinderen

Een belangrijk aspect uit de kinderopvang is dat kinderen de kans krijgen anderen te ontmoeten. Kinderen leren op een natuurlijke wijze rekening te houden met elkaar en hun zelfvertrouwen en weerbaarheid te ontwikkelen door het groepsgebeuren. De jongste kinderen kunnen zich in hun ontwikkeling optrekken aan de oudere kinderen. Oudere kinderen leren de jongere kinderen te helpen. Wij vinden het belangrijk dat de kinderen elkaar leren kennen en vertrouwd raken met elkaar. Bijvoorbeeld door het leren kennen van de namen van alle kinderen of kinderen te stimuleren elkaar te helpen.

Kinderen leren veel van elkaar, door te kijken naar elkaar en door (non-verbale en verbale) interactie met elkaar. De pedagogisch medewerker begeleidt hen bij deze interacties door bijvoorbeeld kinderen bij elkaars spel te betrekken, op elkaar te laten reageren in een gesprek of samen te laten spelen in een speelhoek. Kinderen leren op deze manier samen te spelen en te delen, respect te hebben voor (de visie van) de ander, samen plezier te hebben en zo een band met elkaar op te bouwen.

En wanneer er conflicten ontstaan stimuleren wij de kinderen deze samen op te lossen. We leren de kinderen hoe je in gesprek gaat met elkaar en begeleiden hierbij de interacties tussen kinderen. De pedagogisch medewerker leert de kinderen hoe we met elkaar omgaan en zorg dragen voor elkaar door erover te praten en uitleg te geven, grenzen te stellen om voor een veilige omgeving te zorgen en door het goede voorbeeld te geven.

We willen dat kinderen elkaar bij ons kunnen ontmoeten

In de kinderopvang komen veel kinderen samen. Kinderen die qua persoonlijkheid, cultuur en in waarden en normen die ze van thuis meekrijgen verschillen. Een samenleving in het klein dus en een mooie plek om te leren omgaan met deze verschillen in persoonlijkheid, cultuur en opvatting. En om te leren opkomen voor jezelf. “Kinderen mogen alles willen, alles voelen en alles denken, maar ze mogen niet alles doen”.

De pedagogisch medewerker biedt kinderen duidelijke regels. Er zijn zo min mogelijk regels die de behoeften van de kinderen inperken, maar we vinden het wel belangrijk dat kinderen rekening leren houden met zijn/haar eigen veiligheid, behoeften en respect van anderen. Wij praten hierover met de kinderen en leggen uit waarom iets wel of niet kan. Op deze manier weet een kind waar het aan toe is en wat er van hem/haar verwacht wordt. Mocht het noodzakelijk zijn om het gedrag van een kind te corrigeren, proberen we het kind zoveel mogelijk positief af te leiden en te sturen om ongewenst gedrag te voorkomen en gewenst gedrag te stimuleren door te belonen. Als een kind boos wordt omdat we het gedrag corrigeren, dan laten we het kind even tot rust komen en gaan dan met het kind een gesprekje aan over zijn/haar gedrag. Wij vinden het belangrijk, dat het conflict altijd wordt opgelost en dat we niet te lang boos blijven op het kind. Hiermee willen wij duidelijk maken, dat we het gedrag van het kind afkeuren, en dus niet het kind als persoon.

Wij willen dat de kinderen elkaar met respect behandelen

Preventief:  Binnen onze organisatie creëren we een klimaat waarin pesten geen normaal gedrag is en met behulp van omgangsregels spreken we af hoe we ons ten opzichte van elkaar gedragen.

Directe aanpak: Wij nemen pestgedrag heel serieus, het is geen eenvoudig probleem, daarom lijkt het vaak onoplosbaar. Wij praten hier regelmatig met de kinderen en het team over. Wat zijn de risico’s, hoe kunnen we elkaar positief beïnvloeden in plaats van negatief? Wij geven de kinderen mee dat zij met alles bij ons terecht kunnen en elkaar en de pedagogisch medewerkers kunnen vertrouwen. Dat wij mét elkaar praten en niet over elkaar. Maar ook dat wij respect voor elkaar dienen te hebben. Hierdoor creëer je openheid, iets wat wij erg belangrijk vinden. Wanneer er signalen zijn van pesten binnen onze locatie, vanuit kinderen en/of ouders, gaan wij hier adequaat mee om. Wij zullen in gesprek gaan met het desbetreffende kind en eventueel met zijn/haar ouders. Wij willen na gaan wat er speelt en welke oplossingsgerichte methode het beste bij hem/haar ligt. Wij bespreken dit binnen het team en eventueel binnen de groep. Indien nodig wordt school, in overleg met kind en ouders, ook op de hoogte gesteld.

1.2 Groepsindeling

Alle baby-, peuter-, en verticale groepen binnen Puck&Co hebben een eigen groepsruimte. De BSO heeft op meerdere locaties een eigen ruimte en maakt op sommige locaties gebruik van een gezamenlijke ruimte, bijvoorbeeld de peuterspeelzaal, gymzaal of gezamenlijke keuken.

Binnen Puck&Co werken we volgens de Beroepskracht Kind Ratio (BKR) conform de Wet Kinderopvang.

De verticale groep bestaat uit maximaal 16 kinderen per dagdeel en de peutergroep kan bestaan uit maximaal 16 kinderen per dagdeel. De buitenschoolse opvang is voor basisschoolkinderen in de leeftijd van 4-13 jaar. Bij de BSO mag één pedagogisch medewerker maximaal 12 kinderen opvangen (7+). Per groep maximaal 30 kinderen (7+).

Binnen Puck&Co werken we volgens de Beroepskracht Kind Ratio (BKR) conform de Wet Kinderopvang. Bij de buitenschoolse opvang wordt er opvang geboden voor en na schooltijd, tijdens schoolvakanties, studiedagen en andere vrije dagen van een school.

Binnen Puck&Co Kindcentrum Brede School Noord zijn er verschillende groepen aanwezig:

Dagopvang (0-4 jaar) max 16 kinderen  (waarvan 1 babygroep).

De dagopvang heeft  de groepsruimtes ingericht zoals een standaard dagopvanggroep binnen onze locatie. De groepen zijn voorzien van een lange tafel met banken en een aantal triptrap/ kinderstoelen zodat alle kinderen met voldoende tussenruimte kunnen zitten. Er is een hoge box en een grond box aanwezig, er is voldoende ontdek en speelruimte voor de kinderen. De dagopvanggroepen hebben deuren naar zowel de slaapkamers als buitenruimte. Al deze deuren zijn voorzien van een raam.  Een groep heeft een aparte slaapruimte die bevindt zich grenzend aan de hal. De gezamenlijke verschoonruimte en de gezamenlijke keuken zijn vanaf de groepen bereikbaar en voorzien van een deur en ramen . Deze keukenruimte is voor gemeenschappelijk gebruik . Daarnaast heeft elke groep een klein keukenblok vrij toegankelijk in de groepsruimte. Ook zijn er verschillende (speel, leer) hoeken ingericht in de ruimte.

  • Peuteropvang (2-4 jaar) max. 16 kinderen

De Peuteropvang en de kleuterklassen bevinden zich in dezelfde hal. De groepsruimte is aan het schoolplein en is aan 1 zijde voorzien van grote ramen en heeft een goed overzicht op de buitenspeelruimte van de basisschool.  De buitenspeelruimte voor peuters wordt gebruikt bij de dagopvang.

De groep is voorzien van twee hoge tafels met triptrap stoelen en met banken waaraan activiteiten voor de peuters plaatsvinden. De toiletten bevinden zich in de gang naast de groepsruimte en toezicht vindt plaats doormiddel van mee te lopen met de jongste kinderen. Bij oudere kinderen kan besloten worden (i.o. met ouders) dat zij zelf mogen gaan en laat de pedagogisch medewerker de deur open staan. De verschoonruimte en het keukenblok bevinden zich in de groep.  Daarnaast zijn er verschillende hoeken ingericht in de ruimte.

De bouw- en autohoek kan afgesloten worden d.m.v. deuren met gedeeltelijk glas, zodat hier de stretchers geplaatst kunnen worden in de middag zodat er peuters kunnen rusten.

  • Vroegschoolse Peuteropvang (3-4jaar) max. 16 kinderen

De Peuteropvang zal de meest intensieve samenwerking opzoeken met de kleuterklas van de basisschool. De jongste kinderen die gebruik maken van de VSO worden ook in deze ruimte opgevangen.  De Peuteropvang en de kleuterklassen zitten in dezelfde hal bij elkaar.  De ruimte is aan twee zijdes voorzien van grote ramen. Met de kleuterjuf zal afgestemd worden wanneer we aan welk thema gaan werken, aan de hand daarvan zullen we ook materialen gaan uitwisselen. Overleg momenten worden elk begin van het schooljaar met elkaar vastgesteld. . De groep heeft lage tafels en stoelen waar in kleine groepen gewerkt kan worden.

De toiletten bevinden zich in de hal. De pedagogisch medewerker loopt met de kinderen mee naar het toilet. Wanneer men ziet dat een kind dit zelf kan, kan deze (na overleg met ouders) zelfstandig gaan. Kinderen vragen toestemming aan de medewerker en dragen dan een ‘plasketting’ wanneer zij naar het toilet gaan. Er is geen verschoonruimte aanwezig. Dit wordt op de andere peuteropvang ruimte gedaan.

 

  • BSO (Buiten Schoolse Opvang) (4 tot 13 jaar) max. 77 kinderen

Waarvan:

1 Basisgroep (4-13 jr) max. 22 kinderen (Bengels)

1 Basisgroep (7-13 jr) max. 30 kinderen (Kanjers)

1 basisgroep (4-13 jr) max. 22 kinderen  (Bikkels)

Kinderen van de buitenschoolse opvang starten gezamenlijk op hun groep en melden zich bij de pedagogisch medewerker. Een basisgroep (Bengels) bevindt zich in een lokaal op de onderste verdieping. 1 basisgroep (Kanjers) op de eerste verdieping en daarnaast wordt er door de basisgroep de Bikkels gebruik gemaakt van het groene leerplein. Wanneer alle kinderen op hun groep aanwezig zijn gaan zij naar buiten met de medewerker(s). Hierna wordt er in de groep gegeten en gedronken. De dag word besproken en de activiteiten worden uitgelegd. Hierna heeft elk kind de mogelijkheid om aan verschillende activiteiten binnen of buiten het gebouw deel te nemen.

Als we binnen het gebouw met alle kinderen naar een andere ruimte gaan dan nemen we de kind lijst en telefoon mee en borgen we ten alle tijden dat het leidster kind ratio in orde is. Bij geplande activiteiten buiten de locatie wordt er rekening gehouden met het leidster kind ratio, nemen we de uitstapjes tas mee, hierin zit onder andere: gegevens ouders, kind lijsten, telefoonnummers van de achterwacht en Bredeschool Didam Noord en EHBO middelen. In geval van een uitstapje dient de pedagogisch medewerker te letten op (verkeer) veiligheid. Met de kinderen wordt van te voren duidelijk afgesproken wat wel en niet mag.

  • We lopen twee aan twee en sluiten achter elkaar aan.
  • We lopen rustig en rennen niet.
  • We luisteren goed naar elkaar.

Als we een uitstapje maken dan wordt dit gemeld bij onze locatieverantwoordelijke en/of bij Kindcentrum Bredeschool Didam Noord. We zorgen ervoor dat de achterwacht ook in het bezit is van het telefoonnummer waarop de pedagogisch medewerker bereikbaar is. Bij terugkomst op het Kindcentrum melden we aan de locatieverantwoordelijke en/of bij Kindcentrum Bredeschool Didam Noord dat we er weer zijn.

Tijdens de intake is met zowel ouders als kinderen besproken dat als ze naar huis gaan ze zich altijd afmelden bij de pedagogisch medewerker (mentor). Dit zal ook worden herhaald tijdens het doorspreken van de middag.

 

 

1.3 Werkwijze

De dagindeling binnen Puck&Co verloopt volgens een vast ritme dat in principe voor alle kinderen geldt (die geen flesvoeding meer krijgen). Dit ritme geeft een vaste structuur aan de dag voor de kinderen en daarmee voorspelbaarheid, rust en veiligheid. Binnen ons Kindcentrum Brede School Noord wordt altijd de Nederlands taal gesproken.

Allereerst gaan we in op de werkwijze, wat weergeeft hoe we tot de invulling van onze inrichting, activiteiten en handelen komen. We gaan in op de organisatie van de activiteiten buiten de stamgroep (Ruimte). We gaan in op de werkwijze van de voorschoolse educatie/VVE en de werkwijze bij de BSO. Vervolgens maken we dit alles concreet door middel van de dagindelingen per opvangsoort.

Werkwijze Startblokken

Op de meeste dagopvang groepen van kindercentra Puck&Co wordt met de ontwikkelingsgerichte methodiek Startblokken gewerkt. Soms wordt er in de groep aangesloten bij de manier van werken bij school, bijvoorbeeld Montessori of Uk&Puk (Dalton).

Startblokken biedt kinderen een sterke pedagogische basis (emotioneel vrij zijn, nieuwsgierig zijn, met zelfvertrouwen) in een krachtige speelleeromgeving. Bij de baby’s is er gelegenheid tot ontdekken door middel van de Schattenmand. Bij de peuters bestaat de speelleeromgeving uit verschillende hoeken. In de huishoek- en of themahoek is er ruimte voor (eenvoudig) rollenspel, in de constructiehoek om te bouwen en bij de zand- watertafel om met ‘ongevormde materialen’ te spelen.

Spel is de basis bij het werken met Startblokken en sluit ons inziens aan bij de manier waarop jonge kinderen leren. Spel is voor kinderen een middel om grip te krijgen op de wereld, wat de basis legt voor zijn verdere ontwikkeling. Een kind dat speelt, ontwikkelt zich omdat in het spel alle ontwikkelingsgebieden aan bod komen.

Ook bieden wij binnen Startblokken gerichte activiteiten aan zoals motorische en creatieve activiteiten en boeken, liedjes en versjes om de taalontwikkeling van de kinderen te stimuleren. De inrichting van de hoeken en de aangeboden activiteiten worden zoveel mogelijk verbonden aan een thema. Dit kan een terugkerende gebeurtenis zijn, zoals jonge dieren in de lente of Sinterklaas. Maar ook thema’s die actueel zijn in de groep, bijvoorbeeld het ziekenhuis, doordat een kind naar het ziekenhuis moest. Jonge kinderen leren door herhaling. Daarom zorgen we ervoor dat binnen een thema bepaalde activiteiten meerdere malen worden herhaald. Een thema duurt ongeveer zes weken. Elke groep of locatie zorgt hierbij voor de eigen benodigde materialen. Soms kan hierbij gebruik worden gemaakt van themakisten, met hierin verschillende materialen en activiteiten die passen binnen het betreffende thema. Door gebruik te maken van themakisten, is veel spel, bouw en cognitief materiaal tijdens deze zes weken afgestemd op het thema van dat moment. Dit geldt mede voor de creatieve activiteiten, de (voor)leesboeken en de zang- en dansspelletjes die tijdens deze zes weken aangeboden worden.

Werkwijze Konnect observatiesysteem

Onze observatie en registratie geeft ons informatie over de ontwikkeling van het kind en over wat het kind van de pedagogisch medewerkers nodig heeft, zoals de stimulerende of eventueel remmende factoren. Bijvoorbeeld: het kind heeft duidelijk structuur nodig of: het kind kan andere kinderen goed helpen bij motorische activiteiten.

De informatie over de ontwikkeling van de kinderen in de groep komen in groepsoverzichten. Deze gebruikt de pedagogisch medewerker bij het invullen van het thema en de groepsplannen: de activiteiten en het aanbod. De verschillende Startblokken activiteiten, maar vooral spel en een rijke speelleeromgeving blijft hierbij de basis. Ook bij de begeleiding van de activiteiten gebruikt de pedagogisch medewerker informatie over de ontwikkeling van de kinderen. Bijvoorbeeld: dit kind stel ik een vraag waar het alleen ja of nee op hoeft te antwoorden (gesloten vraag), terwijl ik dit kind juist een vraag stel waar het zelf een antwoord op moet formuleren (open vraag). Bij de begeleiding probeert de pedagogisch medewerker aan te sluiten bij de wijze waarop jonge kinderen leren, door zoveel mogelijk mee te spelen en op die manier de ontwikkeling van de kinderen te stimuleren.

De begeleiding en activiteit kan in de grote groep gebeuren, maar het meest effectief is hierbij om in kleine groepen te werken. Er is dan meer kans op interactie met de kinderen en de pedagogisch medewerker kan het handelen nog beter op de kinderen afstemmen. Om op deze manier te kunnen werken betekent het dat er een duidelijke organisatie en een goede afstemming tussen collega’s moet zijn.

Tijdens de uitvoering van het thema voert de pedagogisch medewerker dagelijkse- en gerichte observaties uit. Dit geeft informatie over de ontwikkeling van het kind en of het aanbod aansluit bij de zone van naaste ontwikkeling van de kinderen. Wanneer dit niet het geval is wijzigt de pedagogisch medewerker het aanbod tijdens het thema of neemt de informatie mee naar de uitwerking van een volgend thema. Al deze stappen samen vormen de cyclus van Opbrengst Gericht Werken.

De observaties worden bewaard bij de kindgegevens van het desbetreffende kind.

Voorschool/ Werkwijze VVE

Kinderen met een VVE indicatie kunnen de peutergroep of voorschool, met behulp van gemeentelijke subsidie gelden, 4 dagdelen per week bezoeken. Bij de peutergroepen wordt als werkwijze gebruikt gemaakt van de eerder beschreven Startblokkenwerkwijze en OGW. Binnen de voorschool wordt de werkwijze afgestemd met de school waar de voorschoolse peutergroep bij in zit. Daar is een intensieve samenwerking mee.

Bij het VVE gericht werken is er nóg meer aandacht voor het stimuleren van de taalontwikkeling van de kinderen. Aanbod en begeleiding vindt met name plaats op de taal, sociaal- emotionele-,  motorische-, creatieve-, cognitieve ontwikkeling.

Er worden bewust kansen gecreëerd om deze ontwikkeling te stimuleren (bijvoorbeeld door een boek meerdere malen binnen het thema interactief voor te lezen) en kansen te grijpen wanneer deze zich voordoen (bijvoorbeeld een kind is zijn schaduw bij het buitenspelen aan het bekijken, dit grijpt de pedagogisch medewerker aan om het fenomeen schaduw te onderzoeken met de kinderen). En bij de inrichting van de hoeken is er aandacht voor beginnende geletterdheid- en gecijferdheid. Er liggen bijvoorbeeld briefjes en pennen in de huishoek om een boodschappenlijstje “te schrijven”. Of het huis in de huishoek heeft een huisnummer, zodat kinderen tijdens hun spel in aanraking komen met cijfers. Dit gebeurt door een rijke taalomgeving, waarin wij veel verwoorden wat wij en de kinderen doen, woorden benoemen en bespreken met de kinderen. Daarnaast stimuleren wij kinderen zich zoveel mogelijk verbaal uit te drukken en cijfers te benoemen..

Wij vinden het belangrijk dat de groepsruimte is afgestemd op de activiteiten en past binnen de werkwijze van Startblokken. Hierin is de speelleeromgeving (= de inrichting van de groepsruimte) van belang.

– De groepsruimte is uitdagend en uitnodigend.

– Er is veel te zien en te doen voor de kinderen. De ruimte is ingedeeld in hoeken, bijvoorbeeld bouwhoek, huishoek, leeshoek en themahoek. De hoeken worden door de pedagogisch medewerker aangepast aan het thema. Dat maakt de hoeken voor kinderen tegelijkertijd herkenbaar en uitdagend. Zo zal de kast met ontwikkelingsmaterialen bijvoorbeeld altijd puzzels bevatten, maar het puzzelaanbod is voor een deel afhankelijk van het thema dat aan de orde is. De huishoek kan bijvoorbeeld bij het thema ‘heb jij een fiets met zijwieltjes’ verrijkt worden met spullen waarin kinderen zich kunnen uitleven met alles wat bij fietsen en vervoer komt kijken. Ze wanen zich in een heuse fietsenwinkel  doordat er materialen zijn die bij een fietsenwinkel horen. Hierdoor ontstaan extra kansen door het doen-alsof-spel. Maar ook in andere hoeken kunnen materialen worden toegevoegd of tijdelijk verwijderd. Tevens kan er een themahoek worden gemaakt waarin materialen staan uitgestald die passen bij het thema

– Er is structuur en overzicht. Spullen hebben een vaste plek en zijn gelabeld. Middels een foto met geschreven woord is zichtbaar wat er in een bak of kast te vinden is en waar dit dus opgeborgen moet worden. Dit bevordert de zelfstandigheid. Kinderen kunnen materialen zelf vinden en het zelf weer opruimen.

Een voorbeeld uitgewerkt van het thema: ‘Heb jij een fiets met zijwieltjes …?’

In de groep is een fietsenwerkplaats ingericht bij het thema ‘Heb jij een fiets met zijwieltjes …?’ De kinderen spelen er met veel plezier. Ze ‘rommelen’ lekker met de spullen en ordenen de materialen en gereedschappen. Ze poetsen en repareren onderdelen, zetten die vast, en plakken lekke banden. Ze spelen dat ze fietsenmaker, klant of verkoper zijn. Ze gaan helemaal op in deze spelactiviteiten die precies bij jonge kinderen passen.
In en rond dit spel is ook de pedagogische medewerker actief. Zij ontwerpt lees-, schrijf- en reken-wiskundeactiviteiten die ertoe doen voor de kinderen en die passen bij de doelen die zij met haar groep voor ogen heeft. Woordenschatuitbreiding bijvoorbeeld, mondelinge communicatie en beginnende geletterdheid en gecijferdheid. Doelen die in de context van het thema en het spel van de kinderen zijn ingebed. Want om ‘echt’ in de werkplaats te kunnen spelen, hebben zij nieuwe woorden en begrippen nodig. Denk maar aan de namen van de onderdelen van de fiets, zoals bagagedrager, zijwieltjes en reflector; aan woorden als luchtbel, onder water houden en een ventiel losdraaien bij het banden plakken. Het boek van bijvoorbeeld ‘Kasper de fietsenmaker’ (Klinting, 2005) kan worden gelezen om nog beter te weten hoe je een band plakt. Maar ook om tussendoelen van beginnende geletterdheid te realiseren. De kinderen leren het verhaal na te spelen en te vertellen, maken hun eigen versie van het boekje met tekeningen en eigen tekens en teksten. Het ordenen en labelen van de onderdelen en gereedschappen, het tekenen van de volgorde in bepaalde handelingen en het betalen voor reparaties, trekken de aandacht ook naar rekenen-wiskunde.

Ouders worden gestimuleerd om thuis activiteiten met hun kind uit te voeren, om op deze manier de taalontwikkeling van het kind ook thuis te stimuleren. Dit gebeurt door het meegeven of e-mailen van een informatiebrief aan het begin van het thema. Hierop staat het nieuwe thema vermeld, de begrippen die aan de orde zullen komen en liedjes en versjes die betrekking hebben op het thema en op de groep gezongen worden. De kinderen mogen iets van thuis meenemen wat betrekking heeft op het thema. In de nieuwsbrief staan ook activiteiten die ouders met kinderen thuis kunnen doen.

Doorgaande lijn met de Basisschool

Dit krijgt invulling door gebruik te maken van diverse middelen en de inrichting van het aanbod op elkaar aan te laten sluiten. Dit betekent:

  • Doordat wij met school in één gebouw zitten en de groepsruimtes aangrenzend zijn kunnen we nauw samen werken met elkaar, daardoor loopt de voorschoolse educatie in een zorgvuldige overgang van het kind door naar de vroegschoolse educatie. Kinderen van onze Peuteropvang zijn al bekend met de groepsruimte van groep 1. De Peuteropvang proberen zoveel mogelijk hetzelfde thema aan te houden als school. Wanneer dit niet helemaal mogelijk blijkt qua interesses/leeftijd kan deze mogelijk wat worden aangepast.
  • Daarnaast zal de Peuteropvang 3-4 jaar regelmatig aan een gezamenlijke activiteit deelnemen. Een keer in de maand is er een opendeuren beleid en kunnen deze peuters ook op bezoek bij de kleuters. Hierbij maken de kinderen al kennis met de groepsleerkracht. Medewerkers van de Peuteropvang 3-4 jaar nemen ook deel aan de parallel gesprekken met leerkrachten. De groep is ook ingericht op het Dalton onderwijs, zij het in mindere mate. Er hangen pictogrammen, er liggen gekleurde rondjes op tafel welke overeenkomen met de kasten waar de kinderen uit mogen kiezen. Ook hangt er een digibord op de groep welke gebruikt wordt om samen af te tellen, een kind van de dag aan te geven en kinderen wat te leren of een filmpje te laten zien. Doordat kinderen al aan deze Dalton regels gewend raken, is de doorgaande lijn naar school kort. Binnen school is er een event manager, welke de Peuteropvang ook betrekt bij activiteiten binnen school.
  • We hanteren dezelfde afspraken/regels op de groep.
  • Er is gekozen om aan de hand van gezamenlijke thema’s te gaan werken. Het bevordert het samenwerken en geeft kinderen alvast inzicht hoe het er aan toe gaat op school.
  • Het doel is om zo op een dezelfde wijze te kijken naar het thema en maken we gebruik van dezelfde gestelde doelen afgestemd op de zone van naaste ontwikkeling van de kinderen.

 

Werkwijze BSO

Binnen de BSO is er iedere maand een activiteitenprogramma, bestaande uit een mix van creatieve-, sport-, technische-en culinaire workshops. Het activiteitenprogramma is themagericht, hierbij wordt veel samengewerkt met de dagopvang en Peuteropvang.

Er wordt bij de BSO ook gekeken naar wat er speelt in de wereld om op deze manier aan te sluiten bij de leefwereld en de interesses van de kinderen. De activiteiten zijn heel divers en gericht op wat de kinderen zelf willen (kinderparticipatie). Bij de invulling van de activiteitenplanning wordt rekening gehouden met de verschillende leeftijden van de kinderen.

Oudere kinderen worden gestimuleerd de jongere kinderen te helpen en te begeleiden bij de activiteiten. Bij de 7+/8+ kinderen wordt er naar de wensen van de kinderen gekeken. Willen ze bijvoorbeeld iets met techniek, fotografie, creatiefs of iets met socialmedia?

In kindervergaderingen stimuleren wij kinderen mee te denken over de invulling van de activiteitenplanning. Kinderen zijn niet verplicht om mee te doen aan activiteiten, maar we zullen ze er wel in stimuleren.

Door de diversiteit aan activiteiten zullen de kinderen dagelijks hun basisgroep verlaten (zie hiervoor de activiteitenplanning).

Computer en televisie vormen een belangrijk onderdeel van de belevingswereld van kinderen in de basisschoolleeftijd.

Computers en televisie maken dan ook deel uit van de aangeboden activiteiten binnen de BSO. Televisie, dvd en computer worden alleen gebruikt voor activiteiten. Hierbij wordt rekening gehouden met de leeftijd van de kinderen, duur van het gebruik, het soort programma’s en apps en het gedrag van kinderen.

Het kan leuk en educatief zijn om samen een actief spel te doen op de spelcomputer. Het internet kan ook gebruikt worden als middel bij een activiteit, kinderen krijgen dan bijvoorbeeld de opdracht om een recept op internet op te zoeken. Om er voor te zorgen dat de kinderen met mate, onder toezicht en verantwoord gebruik maken van de televisie, computers en toebehoren worden samen met de kinderen afspraken gemaakt.

Afspraken die er zijn voor het gebruik van televisie, computer en toebehoren binnen Kindcentrum Bredeschool Noord (uiterlijk na 16.45 uur):

  • Maximaal 2 kinderen mogen maximaal 15minuten spelen met de WII.
  • Mocht het een studiedag zijn, dan is er meer tijd en passen wij de tijden aan, wij kijken hierbij naar de planning van de dag en de interesses binnen de groep.

De inhoud van het activiteitenprogramma is te vinden op de website van Puck&Co en hangt op een vaste plek binnen de groepsruimte van de BSO.

Kinderen die onze BSO bezoeken mogen met vriendjes of vriendinnetjes spelen, zelfstandig de BSO bezoeken of verlaten, en mee met een uitstapje wanneer ouders hier schriftelijke toestemming voor geven.

De toestemmingsformulieren hiervoor worden per kind in de map met kindgegevens bewaard.

Tijdens de vakanties worden er extra activiteiten met de kinderen ondernomen en worden er ook regelmatig uitstapjes gemaakt. Deze vakantie-activiteitenplanning is terug te vinden op onze Locatie/Kindcentrum en wordt via de mail naar ouders gestuurd. Kinderen kunnen voor de gewenste dagdelen in de vakanties ingeschreven worden via de inschrijflijsten die bij de BSO aanwezig zijn.

1.4 Dagindeling

Binnen de verschillende groepen van Puck&Co wordt er gebruik gemaakt van een vaste dagindeling. Deze dagindeling biedt de kinderen structuur, ritme en regelmaat. Hierbij wordt gebruik gemaakt van concrete middelen, bijvoorbeeld dagritme kaarten waarop kinderen kunnen zien wat het dagritme is en zo weten ze wat ze die dag gaan doen. Of bijvoorbeeld rituelen als een vast liedje tijdens het opruimen, om overgangen zo soepel mogelijk te laten verlopen. Door de diversheid aan activiteiten, waarbij de aard van de activiteit gericht is op de vier pedagogische basisdoelen van Marianne Riksen Walraven, kiezen wij ervoor om regelmatig met de kinderen hun stam/basisgroep te verlaten. Door het verlaten van de stamgroep tijdens activiteiten/ uitstapjes kan het voor komen dat wij afwijken van de maximale groepsgrootte. Wel zorgen wij er ten alle tijden voor dat de BKR op de stamgroep blijft kloppen.

Daarnaast vinden wij het belangrijk om de sociale interactie tussen kinderen te stimuleren door, met de eventuele diverse stam/basisgroepen binnen het Kindcentrum, samen deze activiteiten te ondernemen.

De dagindeling van de verschillende groepen zijn hieronder te vinden.

Kinderdagopvang

Tussen 07.00 uur en 09.00 uur

  • Worden de kinderen gebracht, er wordt spelmateriaal aangeboden, de kinderen mogen zelfstandig spelen. De pedagogisch medewerker gaat samen met het kind zwaaien naar de ouder als deze weggaat. Om 7.00 uur wordt ontbeten met de kinderen die dat thuis nog niet hebben gedaan.

09.00 uur

  • Voor we aan tafel gaan zitten zingen we het opruimlied. Samen met de kinderen ruimen we het speelgoed op. We gaan aan tafel waar fruit wordt gegeten en wordt gedronken. En als afsluiting wordt er nog een cracker/gezond koekje aangeboden.

10.00 uur

  • Na het verschonen en wc-bezoek mogen de kinderen vrij spelen of er wordt een gerichte activiteit aangeboden volgens het VVE thema van dat moment. Wij werken volgens de VVE methode Startblokken. Indien het weer het toelaat wordt er dagelijks buiten gespeeld.

11.30 uur

  • We gaan aan tafel voor de broodmaaltijd. Dit is een moment van rust en samen zijn. Op de eerste boterham wordt iets gezonds gedaan, daarna mogen de kinderen zoet of hartig kiezen. Ook krijgen ze hier een beker drinken bij (melk, thee of water).

12.30 – 13.00 uur

  • Verschonen en wc-bezoek. Kinderen worden opgehaald of gebracht.

13.00 uur

Kinderen die nog gaan slapen worden naar bed gebracht. (ieder kind in een eigen bed.) Kinderen die niet meer slapen doen een activiteit zodat het voor alle kinderen een rustmoment is om even bij te tanken.

15.00 uur

  • Na het slapen gaan we met de kinderen aan tafel om fruit of een crackertje/gezonde snack te eten en wat te drinken.

15.30 uur

  • Kinderen mogen vrij spelen, binnen of buiten, of er wordt een gerichte activiteit gedaan.

Tussen 17.00 uur– 18.00 uur (evt. verlengde opvang tot 19.00 uur)

  • Kinderen worden opgehaald door hun ouders

Peuteropvang

De Ontdekkers

08.15 – 08.30 uur

  • De kinderen worden gebracht. Ouders kunnen met hun kind nog een kleine activiteit doen. Bv. een boek lezen, een puzzel maken, kleien enz..

8.30 – 9.00 uur

  • Als alle ouders weg zijn mogen de kinderen zelfstandig spelen, waarna we gezamenlijk al het speelgoed opruimen. (Hierbij wordt een  opruimliedje gezongen). Vervolgens nodigen we alle kinderen uit, om in de kring te komen zitten. D.m.v. een versje of lied nemen we de presentielijst door (zo leren alle kinderen elkaar ook bij naam kennen). In de kring behandelen we het VVE thema van dat moment en nemen aansluitend de dagritme kaarten door. We zitten ongeveer 20 minuten in de kring.

09.30 -10.00 uur.

We gaan aan tafel met de kinderen om te drinken en fruit te eten.

Er wordt een boekje voorgelezen passend bij het VVE thema of zingen een liedje.

10.00 – 10.25 uur:

De kinderen worden verschoond en/of geholpen met naar de wc gaan en wassen hun handen. Ondertussen ruimt een pedagogisch medewerker samen met de kinderen het speelgoed op.

10.25 – 11.15 uur

Buiten spelen of we doen een (creatieve) activiteit, gekoppeld aan het VVE thema. dit kan met de hele groep zijn maar wanneer de groep te groot of te onrustig is, kiezen we ervoor om dit gesplitst te doen. Een deel van de groep mag dan bijvoorbeeld vrij spelen, terwijl de andere helft aan de activiteit deelneemt. Wisseling vindt plaats wanneer de activiteitengroep klaar is.

11.15 – 11.30 uur:

Sommige kinderen worden opgehaald, de overige kinderen doen een activiteit.11.30 – 12.20 uur:

Wij gaan aan tafel voor de broodmaaltijd. Dit is een moment van rust en samen zijn. Op de eerste boterham wordt iets gezonds gedaan, daarna mogen kinderen zoet of hartig kiezen. Ook krijgen ze hier een beker drinken bij (melk, thee of water).

 

De Spelerij, middagopvang

12.30 uur

Kinderen van ‘de Ontdekkers’ worden naar de groep gebracht.

12.30 – 13.00 uur

  • De kinderen die opvang hebben bij de middag peuteropvang gaan even rusten op de stretchers, of ze gaan vrij spelen.

13.00 – 14.30 uur

  • Vrij spel binnen. Kinderen kunnen alle materialen kiezen welke beschikbaar zijn.

14.30 – 15.00 uur

  • Na een toiletbezoek gaan de kinderen aan tafel. Andere kinderen worden uit bed gehaald en aangekleed. In het bijzijn van de kinderen wordt fruit geschild en uitgedeeld. De kinderen krijgen ook wat te drinken en een koekje. Tijdens dit moment kan er even gekletst worden, wordt er een boekje gelezen of een liedje gezongen en wordt de activiteit besproken welke volgt.

15.00 – 16.00

  • Samen met de kinderen wordt er een activiteit gedaan. De activiteit wordt aangeboden volgens het VVE thema waar op dat moment mee gewerkt wordt.

16.00 – 17.00

  • Na eventueel nog een toiletbezoek, mogen de kinderen vrij spelen. Dit kan buiten zijn, maar ook in de groepsruimte of in de gymzaal.

17.00 – 18.00:

  • Afsluiting van de middag. Kinderen worden door ouders opgehaald.

In het lokaal hangen dagritme kaarten, de kinderen kunnen erop zien wat het dagritme is, zo weten de kinderen precies wat we gaan doen.

BSO

Korte dag: (einde schooltijd tot 18.00/18.30 uur)

Vanaf 14.15 uur

  • De kinderen van de Albert Schweitzer komen naar de BSO. Zij lopen hier samen met de pedagogisch medewerker heen.

14.30 uur

  • De kinderen van de overige scholen komen naar de BSO. Dit gebeurt per bakfiets door pedagogisch medewerker of zij lopen samen met de pedagogisch medewerker.

Tot 15.00 uur

  • Kinderen worden in hun stamgroep opgevangen waar de desbetreffende mentor(en) aanwezig zijn. Samen drinken zij wat en eten fruit en een koekje. Onder het eten leggen de mentoren uit welke activiteiten gekozen kunnen worden. Hierna volgt het plannen op het planbord in de hal.

15.00 uur – 15.30 uur

  • De kinderen gaan buiten spelen onder toezicht van de pedagogisch medewerkers.

15.30 uur – 16.30/17.00

  • Activiteit/uitstapje/zelfstandig spel (zie activiteitenplanning) door de variatie in activiteiten verlaten de kinderen dagelijks hun basisgroep.

+/- 17.00 uur

  • Er is een gezamenlijke afsluiting in de hal. Hierbij krijgen de kinderen nog wat te drinken en eventuele gemaakte lekkernijen uit de keuken, gemaakt eerder die dag tijdens een activiteit.

Van 17.00 uur tot 18.00/verlenging 19.00 uur

  • De kinderen worden opgehaald.

 

Lange dag: (12.00 uur tot 18.00/18.30 uur)

Vanaf 12.00 uur

  • Kinderen komen naar de BSO, per bakfiets door pedagogisch medewerker, of lopen samen met de pedagogisch medewerker.

13.00 uur

  • We gaan samen lunchen, kinderen smeren zelfstandig hun brood en worden begeleid waar nodig. Dit is een moment van rust en samen zijn. Op de eerste boterham wordt iets gezonds gedaan, daarna mogen kinderen zoet of hartig kiezen. Ook krijgen ze hier een beker drinken bij (melk, thee of water).

13.30 uur

  • Activiteit/uitstapje/zelfstandig spel (zie activiteitenplanning) Door de variatie in activiteiten verlaten de kinderen dagelijks hun basisgroep.

15.00 uur

  • Gezamenlijk fruit eten. Samen drinken zij wat en eten een koekje.

15.30 uur

  • Wij gaan indien van toepassing verder met de activiteit en/of zelfstandig spel.

Tussen 17.00 – 18.00

  • Kinderen worden opgehaald. Kindcentrum Bredeschool Noord is gesloten.

Vakantie en/of studiedag

Bij voldoende aanmeldingen zijn wij geopend.

In de vakanties worden op rustige dagen locaties samengevoegd. Dit is vooraf bekend. De woensdag en de vrijdagen zijn in de vakanties vaak dusdanig laag bezet dat het kan zijn dat er per regio maar één locatie open is. Mocht de opvang in een ander dorp of op een andere locatie plaats vinden dan wordt de ouder de mogelijkheid tot ruilen van dag aangeboden. Samenvoegen gebeurt met het oog op de kinderen, zodat zij toch voldoende leeftijdgenootjes hebben om mee te spelen, tevens vanwege de personele bezetting.

07.00 – 09.00 uur

  • Kinderen worden gebracht. De kinderen mogen zelfstandig spelen.

09.00 uur

  • Samen eten wij fruit en/of een cracker en drinken thee, water of suikervrije limonade.

09.30 uur tot 11.30 uur

  • Themagerichte activiteit/uitstapje/zelfstandig spel. Door de variatie in activiteiten verlaten de kinderen dagelijks hun basisgroep.

11.30 uur

  • Gezamenlijk lunchen (bij een uitstapje hebben we lunchpakketjes gemaakt die meegaan)

12.30 uur

  • Er is een activiteit of uitstapje, of zelfstandig spel.

15.00 uur

  • Samen eten wij fruit en/of een cracker en drinken wij wat.

15.30 uur

  • Wij gaan indien van toepassing, verder met activiteit en/of vrij spel.

Van 17.00 uur – 18.00/verlenging 19.00 uur

  • Kinderen worden opgehaald. Kindcentrum Bredeschool Noord is gesloten.

 

1.5 3-uurs regeling

De locaties van Kindercentra Puck&Co waar dagopvang geboden wordt, zijn geopend voor een periode van tien uur of langer per dag en komen daarom voor toepassing van de drie-uursregeling in aanmerking. Volgens de regelgeving in het Besluit kwaliteit kinderopvang dient Puck&Co in het locatie specifieke werkplan een concrete beschrijving te geven van de tijden waarop kan worden afgeweken van de beroepskracht-kind-ratio (“bkr”). Tevens dient Puck&Co concreet op te geven op welke tijden zij in elk geval niet van de bkr zal afwijken. Hierbij geldt echter wel dat tijdens deze uren minimaal de helft van de vereiste beroepskrachten dient te worden ingezet op locatie.

Op de buitenschoolse opvang mogen er voor/na schooltijd en op vrije middagen maximaal een half uur per dag minder pedagogisch medewerkers worden ingezet dan vereist. Daarbij geldt wel dat minimaal de helft van de benodigde pedagogisch medewerkers op locatie aanwezig moet zijn. Naast een half uur per dag is op vrije dagen en in de vakantie dezelfde drie-uursregeling van toepassing als in de dagopvang wanneer er minimaal 10 uur aaneengesloten opvang geboden wordt. Conform de regelgeving wenst Puck&Co deze tijden als volgt in het locatie specifieke werkplan vorm te geven.

Concrete tijden waarop Puck&Co van de bkr kan afwijken:

  • Ochtend en avond:

– hetzij gedurende een half uur bij opening en een halfuur bij sluiting, met uitloop tot maximaal een uur;

– hetzij gedurende het laatste uur voor sluiting.

  • Middag: tussen 12.30 uur en 15.00 uur.

Binnen deze tijden draagt Puck&Co er zorg voor dat de afwijking van de bkr de drie uur per dag niet overschrijdt.

Concrete tijden waarop Puck&Co niet van de bkr afwijkt:

  • ochtend: van 09.30 uur tot 12.30 uur;
  • middag: van 15.00 uur tot 16.30 uur.

Puck&Co neemt de concrete tijden niet alleen op in de locatie specifieke werkplannen, zij informeert de ouders hier ook over tijdens het plaatsingsgesprek, via het informatiebord op locatie en de website. Op deze wijze voldoet Puck&Co aan de regelgeving omtrent de bkr uit het Besluit kwaliteit kinderopvang, zonder afbreuk te doen aan de kern van een verantwoorde opvang (conform artikel 2 van het Besluit kwaliteit kinderopvang), die onder andere bestaat uit een sensitieve en responsieve manier van omgaan met kinderen.

Een deel van de convenantpartijen van het Akkoord Innovatie Kwaliteit Kinderopvang wenst dat de drie-uursregeling zodanig wordt uitgewerkt in de beleidsplannen dat de tijdstippen precies optellen tot (maximaal) drie uur. Een dergelijke, zeer precieze opgave sluit echter niet aan op de praktijk en is, voor Puck&Co, niet uitvoerbaar. Vanwege het haal- en brenggedrag van de ouders en de activiteiten op de kinderopvang en daarbuiten – denk bijvoorbeeld aan uitjes, plotseling optredende gebeurtenissen als een kind dat valt, een kind dat moet worden getroost of een natte broek net voor een medewerker zijn/haar pauze heeft – kunnen de tijden waarop wordt afgeweken van de bkr niet concreter of scherper worden weergegeven dan thans gebeurt. Een nog preciezere aanduiding is niet in de regelgeving vereist en leidt, indien de medewerkers zich aan die precieze tijdstippen zouden moeten houden, tot een verslechtering van de kwaliteit van de kinderopvang.

Indien Puck&Co ertoe gedwongen zou worden de tijden waarbinnen zij kan afwijken van de bkr nog preciezer weer te geven, met als gevolg dat hun medewerkers ook naar die precieze tijden zouden moeten handelen, gaat dat ten koste van de kwaliteit van de kinderopvang (het vallende kind kan niet worden geholpen door de medewerker die erbij was toen het gebeurde, de troost voor het verdrietige kind wordt ineens overgenomen door een ander, een uitje kan niet doorgaan, omdat men dan misschien net te laat terug is e.d.). Ook staat het handelen naar een zeer strikte tijdsaanduiding op gespannen voet met het bepaalde in artikel 2 Besluit kwaliteit kinderopvang, waarin de kern van een verantwoorde kinderopvang is opgenomen.

Puck & Co geeft op de volgende wijze invulling aan de 3-uursregeling: 

Groep dagopvang

Van maandag tot en met vrijdag verwachten wij af te wijken;

  • de ochtend van 8.00 uur tot 8.30 uur,
  • de middagpauze van 13.00 uur tot 15.00 uur
  • aan het eind van de dag van 17.00 uur tot 17.30 uur.

Groep peuteropvang

Van maandag tot en met vrijdag verwachten wij af te wijken;

  • de ochtend van 8.00 uur tot 8.30 uur,
  • de middagpauze van 13.00 uur tot 15.00 uur
  • aan het eind van de dag van 17.00 uur tot 17.30 uur.

Groep BSO regulier

Van maandag tot en met vrijdag verwachten wij af te wijken;

  • aan het eind van de dag van 17.00 uur tot 17.30 uur.

Groep BSO vakantie

Van maandag tot en met vrijdag verwachten wij af te wijken;

  • de ochtend van 8.00 uur tot 8.30 uur,
  • de middagpauze van 13.00 uur tot 15.00 uur
  • aan het eind van de dag van 17.00 uur tot 17.30 uur.

1.6 Continuïteit pedagogisch medewerkers

Continuïteit en stabiliteit

Er wordt op onze groepen gewerkt volgens het vaste gezichten criterium conform de wettelijke regels. Dit houdt in dat er altijd één van de vaste gezichten van het kind werkzaam is op de groep. Ziekte en verlof kunnen hierop een uitzondering geven, maar ook in die gevallen wordt actief gekeken naar de borging van stabiliteit en continuïteit binnen de personele bezetting op de groep. Dit zorgt voor overzicht en duidelijkheid bij kinderen.

De roosters staan vermeld in de roostermap en worden bij de deur van de groep bekend gemaakt
voor ouders.

Tijdens het openen en sluiten van de groep is er altijd een vaste pedagogisch medewerker aanwezig

In geval van nood wordt een zo passend mogelijke oplossing gezocht. Alle pedagogisch medewerkers die werkzaam zijn binnen Puck&Co hebben een bewijs van goed gedrag (Verklaring omtrent Gedrag (VOG) moeten overleggen en staan geregistreerd in het Personenregister Kinderopvang. De VOG’s zijn te vinden in de personeelsdossiers. Zie hiervoor de nieuwe wet op persoonsgegevens. Dagelijks zijn er meerdere pedagogisch medewerkers werkzaam. Het uitgangspunt is dat een pedagogisch medewerker nooit alleen in het gebouw is, er zijn minimaal twee volwassenen aanwezig (zie achterwachtregeling in de Monitor en Beleid Veiligheid&Gezondheid).

Is de bezetting van ons Kindcentrum van dien aard dat er twee pedagogisch medewerkers op die dag werken dan blijft de tweede pedagogisch medewerker tijdens de pauze op of rond de locatie als achterwacht.

Wanneer een pedagogisch medewerker ziek is of vrij heeft, wordt de pedagogisch medewerker in principe vervangen door een vaste invalkracht die bekend is bij de kinderen, ouders en medewerkers. Invalkrachten worden vanwege de continuïteit zoveel mogelijk op dezelfde locatie ingezet. Daarnaast wordt er gestreefd naar één vaste pedagogisch medewerker op de eigen groep. Op de kinderopvanggroepen wordt er met baby’s (0-1 jaar) gewerkt met ‘vaste gezichten’. Dit houdt in dat een baby altijd door één van de twee vaste pedagogische medewerkers wordt opgevangen. Voor invalkrachten geldt ook dat zij gediplomeerd zijn en een VOG moeten hebben. Ook wordt ten allen tijde geborgd dat er een mentor van een kind werkzaam is op de groep. Wanneer de vaste mentor afwezig is, wordt ervoor gezorgd dat er een andere aanspreekpunt voor het kind aanwezig is. De kinderen weten wie hun mentor is. Mentoren bespreken dit regelmatig tijdens de rustmomenten op de groep. Dit geldt voor alle groepen binnen de kinderopvang en voor de BSO. Bij de BSO is er een verdeling in basisgroepen, waardoor het overzichtelijker wordt voor ouders, kinderen en eventuele inval. Elke basisgroep heeft een eigen kleur en is gekoppeld aan een vaste pedagogisch medewerker.

1.7 Mentorschap

De mentor van een kind is verantwoordelijk voor alle taken en verantwoordelijkheden met betrekking tot dit kind. Ouders horen bij het plaatsingsgesprek en bij tussentijdse wijzigingen bijvoorbeeld bij doorstroom naar een andere groep wie de mentor van hun kind is en zij ontvangen dit ook nog schriftelijk. De mentor voert periodieke observaties en eventuele toetsing uit (zoals beschreven bij onderdeel observaties) om op deze manier de ontwikkeling van de betreffende kinderen te kunnen volgen en stimuleren en de mentor vult het eventuele kindvolgsysteem in. De mentor voert eenmaal per jaar gesprekken met betreffende ouders over het welbevinden en de ontwikkeling van hun kind. De mentor betrekt ouders bij het welbevinden en het stimuleren van de ontwikkeling van hun kind.

Wanneer wij ‘opvallend’ gedrag opmerken bij één van de kinderen ondernemen wij de volgende stappen:

Allereerst wordt het in het team besproken: “klopt het wat ik zie?” Dan worden de ouders op de hoogte gebracht in een persoonlijk gesprek. Wij zijn in de mogelijkheid (in overleg met de ouders) de hulp van een pedagogisch beleidsmedewerker of logopediste te vragen. Afhankelijk van de vraag geeft zij dan advies en komt observeren of heeft een gesprek met de ouders/pedagogisch medewerkers om deze te ondersteunen en/of door te verwijzen naar een passende instantie voor verdere ondersteuning.

De pedagogisch medewerkers kijken de hele dag naar het gedrag van het kind en naar zijn/haar reactie op andere kinderen, pedagogisch medewerkers en omgeving. Jaarlijks maakt de pedagogisch medewerker een overdrachtsrapportage van het kind (tot 5 jaar) waarvan zij de mentor is, aan de hand van een overdrachtsformulier. Ouders krijgen een kopie van deze rapportage en worden vervolgens uitgenodigd voor een 10-minutengesprek waarbij de overdrachtsrapportage wordt doorgenomen en besproken met de mentor van het kind.

De wijze waarop de verkregen informatie over ontwikkeling van het kind met ouders besproken wordt. Wanneer wij ‘opvallend’ gedrag opmerken bij één van de BSO kinderen ondernemen wij de volgende stappen:

Allereerst wordt het in het team besproken: “klopt het wat ik zie?” Dan worden de ouders op de hoogte gebracht in een persoonlijk gesprek. Wij zijn in de mogelijkheid (in overleg met de ouders) de hulp van een pedagogisch beleidsmedewerker of logopediste te vragen. Afhankelijk van de vraag geeft zij dan advies en komt observeren of heeft een gesprek met de ouders/pedagogisch medewerkers om deze te ondersteunen en/of door te verwijzen.

De pedagogisch medewerkers kijken de hele middag naar het gedrag van het kind en naar zijn/haar reactie op andere kinderen, pedagogisch medewerkers en omgeving.

BSO

Elke groep heeft een kleur en elk kind wordt binnen 1 groep geplaatst.  Een foto van de pedagogisch medewerker (Mentor) hangt op het bord. Rondom de foto is de kleur van de stamgroep te zien. Hierdoor is in 1 oogopslag duidelijk wie de mentor binnen welke groep is.

1.8 Wenperiode

Wanneer een nieuw kind aangemeld wordt binnen Puck&Co is er de mogelijkheid om twee dagdelen te komen wennen, zo nodig met verlenging. Ongeveer twee weken voordat de plaatsing van start gaat, wordt contact opgenomen met de ouders om een plaatsingsgesprek te plannen. Tijdens dit gesprek worden met de ouders wenafspraken vast gezet. Aan het wennen zijn geen kosten verbonden. Mocht een kind doorstromen naar een ander, nieuwe, stam/ basisgroep dan gaat het kind  vanuit de stamgroep naar de nieuwe groep om te wennen, en keert binnen de opvang tijden weer terug op de stamgroep. Dit zal vooraf met de ouders overlegd worden. Kinderen kunnen alleen op de groep komen wennen indien dit binnen de beroepskracht- kind-ratio past en zal niet boventallig plaatsvinden.

Ook voor ouders is het brengen van een kind naar de kinderopvang soms nieuw. Wanneer ouders behoefte hebben om te bellen naar de locatie, is dat onbeperkt mogelijk. De pedagogisch medewerker bericht de ouder(s) tijdens de eerste weken van opvang over de gang van zaken en nemen hiervoor extra tijd om de gewenning zo goed mogelijk plaats te laten vinden. Ook wordt het digitale communicatieschrift op de Quebble app ingezet in contact tussen pedagogisch medewerkers en ouders.

Tijdens het wennen kijken we hoe het kind reageert op de scheiding met de ouder en hoe het kind zich binnen de groep voelt. Afhankelijk hiervan overleggen we met de ouders of het kind meer ruimte en of tijd nodig heeft om te wennen bij onze locatie.

Wanneer het kind daadwerkelijk geplaatst wordt in de groep, wordt er in de eerste periode gericht gekeken of er nog specifieke behoeftes bij het kind (qua veiligheid en ontwikkeling) nodig zijn. Dit wordt door de mentor zo nodig met de andere pedagogisch medewerkers en ouders besproken.

Hoe ziet het wennen er concreet uit binnen Kindcentrum Brede School Noord:

  • Verticale groep

Ouders mogen deze wendagen uiteraard langer blijven dan doorgaans andere ouders doen. Zij kunnen de laatste informatie overleggen met de pedagogisch medewerker en een kleine activiteit doen met hun kind(eren), bijvoorbeeld een puzzel maken of een boek lezen.

Er wordt een tijd afgesproken wanneer de ouder(s) weer op de locatie terug zijn.

Samen wordt er afscheid genomen en het kind wordt door de pedagogisch medewerker ondersteund en begeleid in de dagelijkse routine. Ouders zijn vrij om de locatie telefonisch te benaderen om te weten hoe het met hun kind gaat.

  • Peuteropvang

Ouders mogen deze wenochtenden uiteraard langer blijven dan doorgaans andere ouders doen. Zij kunnen de laatste informatie overleggen met de pedagogisch medewerkers en nog even een kleine activiteit doen met hun kind(eren), bijvoorbeeld een puzzel maken of een boek lezen.

Er wordt een tijd afgesproken wanneer de ouder(s) weer op de locatie terug zijn.

Samen wordt er afscheid genomen en het kind wordt door de pedagogisch medewerker ondersteund en begeleid in de dagelijkse routine. Ouders zijn vrij om de locatie telefonisch te benaderen om te weten hoe het met hun kind gaat.

  • BSO

Er wordt met ouders afgesproken hoe zij het wennen willen laten verlopen. Komen de kinderen meteen vanuit school? Of worden ze door ouders gebracht?

Er zijn verschillende manieren van wennen mogelijk, afhankelijk van het kind. Wij adviseren ouders om samen met hun kind te komen kijken. Zo weten de kinderen beter waar ze aan toe zijn en kunnen langzaam een gevoel van veiligheid opbouwen. Samen met de ouders spreken wij af wanneer het kind voor het eerst komt spelen.

Merken wij dat het kind het lastig vindt bij de BSO zullen wij in overleg met ouders kijken naar verdere mogelijkheden, bv eerder ophalen zodat de dagen korter worden. De eerste keren halen de pedagogisch medewerkers de kinderen op bij of in hun klas. De kinderen worden binnen de groep aan de andere kinderen voorgesteld. Ouders zijn vrij om de locatie telefonisch te benaderen om te weten hoe het met hun kind gaat.

Overplaatsing naar andere groep

Wanneer een kind binnen het kindcentrum wordt overgeplaatst, bijvoorbeeld van de verticale groep naar de peuteropvang, dan volgt er een overdrachtsgesprek met de ouders. Tevens worden er een aantal wenafspraken voor het kind gemaakt met de pedagogisch medewerkers van de nieuwe groep. Het kind mag dan bij de nieuwe groep spelen om te wennen. De overplaatsing verloopt daardoor voor kinderen makkelijker.

Mocht een kind bij een wijziging van de basisgroep ook de behoefte hebben om eerst te wennen dan geldt bovengenoemde vanzelfsprekend ook. Ook dan zijn er verschillende manieren van wennen mogelijk, ook dit is afhankelijk van het kind.

1.9 Extra dagdelen

Wij bieden de mogelijkheid tot het afnemen van een extra dag/dagdeel. Dit kunt u aanvragen bij de pedagogisch medewerker van Kindcentrum Brede School Noord

Het afnemen van een extra dag/deel is alleen mogelijk indien er aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • er is plaats op de stam/basisgroep van het kind;
  • het ‘vaste gezicht’ van de 0-jarige aanwezig is;
  • de personele bezetting laat dit toe (er is geen extra inzet van pedagogisch medewerkers nodig);
  • het verzoek tot een extra dag/dagdeel kan schriftelijk bij de pedagogisch medewerker van de groep worden ingediend;

In verband met de wisselende kind bezetting en daarmee samenhangende personele bezetting kan op zijn vroegst drie weken voor het gewenste extra dagdeel worden aangegeven of dit verzoek gehonoreerd kan worden;

  • Extra dag/dagdelen worden altijd in rekening gebracht en zijn zichtbaar op de factuur;
  • In verband met de huidige maximale bezetting op sommige dagen/dagdelen kunnen wij uw extra dagdelen niet altijd aanbieden;
  • Wanneer er geen plaats is op de eigen stamgroep van het kind, (en het kind is ouder dan 1 jaar), kunnen ouders er kiezen voor plaatsing op een andere stampgroep. Dit kan echter alleen in overleg met de pedagogisch medewerker en na ondertekenen van het EDD formulier.

Voor de overdracht gelden dezelfde regels en afspraken zoals staat beschreven bij ‘wenperiode’.

1.10 Ruilen

Als het kindaantal het toelaat om op de locatie te kunnen ruilen, bieden wij deze service binnen de overeengekomen duur van de plaatsingsovereenkomst. Ook de algemeen erkende feestdagen, waarop onze kinderopvang gesloten is, kunnen worden geruild. Deze ruildagen kunnen binnen een termijn van een jaar na de verzuimdatum worden opgenomen en kunnen nooit omgezet worden in een geldbedrag.

Het ruilen van een dag/dagdeel is alleen mogelijk indien er aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  • er is plaats op de stam/basisgroep van het kind;
  • het ‘vaste gezicht’ van de 0-jarige aanwezig is;
  • de personele bezetting laat dit toe (er is geen extra inzet van pedagogisch medewerker nodig);
  • het verzoek tot ruilen kan schriftelijk bij de pedagogisch medewerker van de groep worden ingediend;
  • In verband met de wisselende kindbezetting en de daarmee samenhangende personele bezetting kan op zijn vroegst drie weken voor het gewenste extra dagdeel worden aangegeven of dit verzoek gehonoreerd kan worden; 
  • Ruildagen kunnen binnen een termijn van een jaar na de niet afgenomen opvang worden opgenomen;
  • Wanneer er geen plaats is op de eigen stamgroep van het kind, (en het kind is ouder dan 1 jaar), kunnen ouders er voor kiezen voor plaatsing op een andere stampgroep. Dit kan echter alleen in overleg met de pedagogisch medewerker en na ondertekenen van het EDD formulier.
    Voor de overdracht gelden dezelfde regels en afspraken zoals staat beschreven bij ‘wenperiode’.

1.11 Verzorgen van de kinderen

Veiligheid

Binnen Puck&Co voldoen al onze locaties aan de veiligheidseisen. Hierbij is er rekening gehouden met alle leeftijden van de kinderen in de betreffende groep.

Gebouwen zijn voorzien van rookmelders en een brandmeldinstallatie, nooduitgangen, brandhaspels, blusdekens en brandblussers. Eén keer per jaar vindt er een ontruimingsoefening op Kindcentrum Brede School Noord plaats. Op elke groep is een ontruimingsplan aanwezig, zodat de pedagogisch medewerkers weten hoe ze moeten handelen in het geval zich een calamiteit voordoet.

Eénmaal per zes weken wordt de Monitor en Beleid Veiligheid&Gezondheid besproken in het teamoverleg, de oudercommissie wordt hiervan op de hoogte gesteld door de Locatieverantwoordelijke. De monitor en beleid is voor ouders inzichtelijk op betreffende locatie bij de ‘rode mapjes’. 

Andere voorbeelden van maatregelen binnen Kindcentrum Bredeschool Noord ter bevordering van de veiligheid van de kinderen zijn:

  • Toegangsdeuren bij de dagopvang van het Kindcentrum zijn voorzien van een codeslot om te voorkomen dat er ongewenste personen binnenkomen die de veiligheid van de kinderen en de pedagogisch medewerkers zouden kunnen schaden.
  • Schoonmaakmiddelen staan buiten het bereik van kinderen
  • Jaarlijkse controle van risico objecten zoals de glijbaan en het speelhuisje.
  • Gegevens van kinderen zoals adres, telefoonnummer en foto’s geven wij niet aan derden zonder toestemming van de ouders.
  • Kinderen jonger dan 7 jaar mogen niet alleen naar de 1e verdieping.

Binnen Kindcentrum Brede School Noord doen wij er alles aan om eventuele ongelukken te voorkomen. Aanpak van de grootste risico’s met de grootste gevolgen worden actueel gehouden.

(Zie Monitor en Beleid Veiligheid&Gezondheid)

Wanneer zich een calamiteit voordoet dan hebben vaste pedagogisch medewerkers op de locatie een Bedrijfshulpverlening-opleiding (BHV) en kinder-EHBO gevolgd en weten zij hoe te handelen. 

Ondanks alle voorzorgsmaatregelen om ongelukken en gezondheidsrisico’s te voorkomen is het niet geheel uit te sluiten dat er toch een ongeluk(-je)/ besmetting kan voorkomen. Wij kiezen er bewust voor om niet alles optimaal te beveiligen. Kinderen moeten ook leren dat niet alles zomaar kan en mag. Op deze manier leren zij op hun eigen wijze enige vorm van verantwoordelijkheid te nemen. Een kind kan vallen, botsen, in aanraking komen met bacteriën etc. In onze monitor en beleid Veiligheid&Gezondheid nemen wij deze grootste risico’s mee die in een kinderopvang, waar veel kinderen en medewerkers verblijven, kunnen voorkomen.

Met de kinderen wordt besproken en geoefend hoe om te gaan met calamiteiten en waar diverse middelen voor dienen.

Kinderen krijgen aangeleerd hoe zij het evacuatiekoord moeten vasthouden, waarvoor een brandblusser gebruikt wordt en waar zij heen moeten bij een ontruiming.

Het Vier ogenprincipe

Zie Monitor en Beleid Veiligheid&Gezondheid.

Hygiëne en gezondheid

Naast veiligheid is er aandacht voor een goede verzorging, hygiëne, gezonde voeding, voldoende rust, lichamelijke beweging, plezier en het gevoel van veiligheid. Dit draagt bij aan de lichamelijke en geestelijke gezondheid van het kind. Binnen Puck&Co wordt ernaar gestreefd om kinderen gezond te laten eten en drinken. Wij sluiten hierbij aan bij de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum.

Afspraken die we daarbij maken zijn bijvoorbeeld:

  • Voedsel wordt op de juiste plek bewaard. Hierbij letten wij op de houdbaarheidsdatum, versheid van de producten, de temperatuur waarop het voedsel bewaard moet worden.
  • Bij het fruit eten mogen de kinderen kiezen uit verschillende soorten fruit op een bord. Wij letten er op dat de kinderen het fruit opeten wat zij aangeraakt hebben. Bij de keuze voor fruit houden wij rekening met het seizoen.

Bij de broodmaaltijd letten wij op de volgende punten;

  • De eerste boterham wordt belegd met wat hartigs, daarna hebben de kinderen keuze uit minimaal 3 soorten zoet of hartig beleg.
  • Het leegdrinken van de beker met melk/ sap/ thee of water.
  • Als extraatje mogen de kinderen een rijstwafel/ beschuit kiezen.

Van 07.00 uur tot aan 07.30 uur is er gelegenheid voor de kinderen om te ontbijten.

Op kindcentrum Brede school Noord geven wij een warme maaltijd aan baby’s tot 9 maanden (in overleg langer), de warme maaltijd wordt door de ouders/verzorgers zelf meegegeven.

Bij de peuteropvang wordt er gevraagd of ouders voor de ochtend een stuk fruit (eventueel in een trommel) en een beker mee willen geven. Dit ter voorbereiding op de basisschool.

Als tussendoortje krijgen de kinderen bijvoorbeeld een soepstengel, rijstwafel of een koekje en uiteraard houden wij rekening met allergieën en geloofsovertuiging van kinderen/ouders. In principe zijn alle voedingsmiddelen binnen Puck&Co aanwezig. Als er speciale wensen zijn ten aanzien van voeding dat niet op de locatie aanwezig is, vragen wij aan ouders om dit zelf mee te nemen (bijvoorbeeld bij een dieet). Als een kind jarig is mag het trakteren. Gezonde traktaties hebben de voorkeur zoals; fruit, rozijntjes, of een stukje kaas. Teveel zoetigheid en vet eten proberen wij te vermijden. Wij vragen de ouders om hier rekening mee te houden. Indien toch snoep wordt getrakteerd wordt het mee naar huis gegeven, zodat ouders zelf kunnen beslissen of en wanneer zij dit aan hun kind willen geven. Vragen over traktaties kunnen altijd gesteld worden aan de pedagogisch medewerkers.

Aan tafel vinden wij het belangrijk dat er een gezellige en rustige sfeer heerst. We proberen kinderen te leren rustig op hun stoel te blijven zitten, gezellig wat te kletsen en op hun beurt te wachten.  We proberen de kinderen zo snel mogelijk zelfstandig te laten eten. Daar waar mogelijk helpt een ‘grote’ peuter een klein dreumes door bijvoorbeeld telkens een hap aan te reiken.

Verschonen en toiletbezoek

Uiteraard hoort het verschonen van de jongste kinderen en naar het toilet brengen van de iets oudere kinderen bij onze basistaken. Bij het verschonen en bij het toiletbezoek houden we rekening met de behoefte aan privacy van kinderen. Als wij merken dat een kind bijvoorbeeld de deur dicht wil doen bij toiletbezoek, is dat geen enkel probleem.

In overleg met ouders werken wij mee aan het oefenen van de zindelijkheid. Wij zien dit als een gezamenlijke verantwoording:

  • Wij stimuleren de kinderen om naar het toilet te gaan of op het potje te gaan zitten als wij merken dat ze daar aan toe zijn.
  • Kinderen moeten bij ons niet naar het toilet, maar door het zien van anderen en door er een ritueel van te maken loopt dit meestal vanzelf.
  • Wij prijzen en belonen de kinderen als ze iets op het toilet doen d.m.v. het plasdiploma, mag er een sticker geplakt worden.
  • Vooral aan het begin van de zindelijkheidstraining oefenen wij door de kinderen meerdere keren naar het toilet/ potje te laten gaan, ook zonder aandrang, om het kind vertrouwd te laten worden met het toilet/potje.

Wanneer een kind een ‘ongelukje’ heeft, vertellen de pedagogisch medewerkers aan het kind dat dit kan gebeuren en dat het niet erg is. Vervolgens verschonen we het kind.

Inhoudsopgave:

Zorg

Voor iedereen een passende plek

Puck& Co wil er voor alle kinderen zijn, dus ook voor kinderen die andere of specifieke aandacht van deskundigen nodig hebben. Wij proberen in samenwerking met de ouders de opvang passend te maken en te voldoen aan de behoeften van het kind. Hierbij werken wij ook nauw samen met scholen en zorgpartners.

2.1 Observeren en signaleren

Om kinderen te kunnen bieden waar ze behoefte aan hebben in hun ontwikkeling, kijken wij goed naar de kinderen en hun ontwikkeling. De pedagogisch medewerker observeert het gedrag en de ontwikkeling van kinderen en hun reactie op andere kinderen, pedagogisch medewerkers en omgeving. Van deze observaties maken wij een rapportage in ons kindvolgsysteem.

Door de observaties hebben we een goed beeld waar de kinderen staan in hun ontwikkeling op in ieder geval taal-, reken/wiskundig,- sociaal emotioneel en motorisch gebied. Op basis van dit beeld kunnen de pedagogisch medewerkers hun aanbod en doelen bepalen en binnen de activiteiten gericht differentiëren.

Met behulp van de informatie uit de observaties zorgen wij dus voor een passend aanbod voor alle kinderen. Ouders krijgen een kopie van onze rapportage. Vervolgens worden ouders uitgenodigd voor een gesprek waarbij de rapportage wordt doorgenomen en besproken met de mentor van het kind. 

Daarnaast komt de logopediste, na schriftelijke toestemming van de ouders, tweemaal per jaar om alle 3 jarige kinderen te observeren ten aanzien van hun taalontwikkeling. Indien nodig kan dan een verwijzing volgen voor (tijdelijke) logopedische ondersteuning. Dit gaat in overleg met de ouders. 

Bij vragen omtrent een zorgelijke (gedrags)ontwikkeling waarbij wij nadere observatie nodig achten, vragen wij of de pedagogisch beleidsmedewerker met ons mee wil kijken.

Daarna wordt er aan een logopediste en/of een andere specialist gevraagd het betreffende kind te komen observeren. Soms kan hier een verwijzing naar een andere instantie of een zorgteam uit voortvloeien. 

Dit gaat altijd in overleg en met toestemming van de ouders. 

Wij werken zoveel mogelijk samen met andere organisaties en professionals binnen de betreffende gemeente, zodat de begeleiding van het kind in een doorgaande lijn door kan gaan, wanneer het kind naar school gaat.

Voor Kindcentrum Brede School Noord geldt dat wij Anneke Berendsen kunnen inschakelen.

 

 

2.2 Kinderen met een handicap, beperking, ziekte of ernstige allergie

Binnen Puck&Co willen wij kinderen met een handicap of beperking, een ziekte of een allergie een plek bieden. De toelating van deze kinderen gebeurt in nauw overleg met de ouders en eventuele hulpverlenende instanties. Tijdens het plaatsingsgesprek horen wij bijvoorbeeld graag hoe ouders bepaalde zaken aanpakken en hoe wij moeten handelen in een noodsituatie.

Wanneer tot plaatsing wordt overgegaan, wordt er regelmatig overlegd met ouders en eventuele andere instellingen om voor een zo passend mogelijke plek te blijven zorgen. De verantwoordelijkheid voor de risico’s die wij nemen als organisatie zullen wij bespreken met ouders. Daarnaast zullen wij onze afspraken vastleggen in een instemmingsdocument met ouders.

Puck&Co laat kinderen die medische handelingen nodig hebben toe op het kindercentrum, maar er moet vooraf wel aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Bij de aanmelding van het kind moet door de ouders worden aangegeven welke bijzonderheden er zijn. Uiteindelijk zal de operationeel manager de beslissing nemen of een kind geplaatst kan worden. Dit wordt gebaseerd op de interne mogelijkheden die er zijn.

Bij het vooraf verzwijgen van medisch handelen, kan de operationeel manager besluiten om de opvang per direct (tijdelijk) te stoppen. Dit omdat er een risico tot verkeerd handelen kan ontstaan en ter bescherming van het kind en de pedagogisch medewerker.

Overwegingen die gemaakt worden om tot plaatsing te komen zijn:

  • Is de plaatsing van het kind mogelijk binnen de normale bezetting?
  • Is plaatsing mogelijk binnen de vaardigheden van de pedagogisch medewerkers
    (met de kanttekening dat de pedagogisch medewerkers niet de beslissing nemen in
    het wel of niet toelaten van het betreffende kind)?
  • Zijn er gediplomeerde/ capabele personen (eventueel ouders zelf, wijkverpleegkundigen, geïnstrueerde pedagogisch medewerkers) beschikbaar die een medische handeling kunnen verrichten?

Wanneer een kind als gevolg van zijn ziekte een medicijn toegediend moet krijgen, moeten ouders dit doorgeven aan de pedagogisch medewerkers. Ook dienen ouders een medicijnformulier in te vullen en te ondertekenen, waarmee zij toestemming geven dat pedagogisch medewerkers het medicijn toedienen. Is de toediening van medicijnen zeer specifiek, dan dient een ouder dat eerst voor te doen zodat de pedagogisch medewerker de werkwijze kan zien. Eventueel bestaat de mogelijkheid om instructie, door een deskundige, te geven aan de pedagogisch medewerker (zie protocol zieke kinderen).

Bij sommige kinderen zijn er medische handelingen nodig door hun ziekte, denk hierbij aan het geven van injecties of sondevoeding. Op de volgende link staan de voorbehouden handelingen die onder de wet BIG (wet op Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg) vallen: https://www.btsg.nl/infobulletin/voorbehouden.html

De handelingen mogen alleen maar worden gedaan door gediplomeerde/capabele personen. Te denken aan medewerkers van de thuiszorg. Ouders geven hiervoor toestemming door het ondertekenen van het formulier ‘medisch handelen’ (zie protocol zieke kinderen).  Op die manier blijven ouders zelf verantwoordelijk.

2.3 Pedagogisch beleidsmedewerkers/coaches/trainers

De pedagogisch beleidsmedewerker houdt zich bezig met coaching van pedagogisch medewerkers, observeren van kinderen en geeft naar aanleiding van hulpvragen advies.

Het observeren van kinderen kan gebeuren op verzoek van ouders of pedagogisch medewerkers. Hierbij heeft de pedagogisch beleidsmedewerker allereerst een gesprek met ouders en pedagogisch medewerker om toestemming te krijgen voor de observatie. Deze toestemming geven ouders door middel van het zetten van een handtekening onder het observatieplan. Nadat door de ouders schriftelijk toestemming is gegeven voor de observatie, wordt het traject ingezet.

Hierbij kan ook gebruik gemaakt worden van vragenlijsten. Naar aanleiding van de uitgevoerde observaties kan de pedagogisch beleidsmedewerker een advies uitbrengen aan ouders en/of pedagogisch medewerkers.

Deskundigheidsbevorderingsbeleid en de eisen uit de wet IKK (innovatie kwaliteit kinderopvang) binnen Kindercentra Puck&Co

De pedagogisch professional is de professional die multifunctioneel inzetbaar is in de kinderopvang en zowel pedagogisch als didactisch competent is. Interacties tussen pedagogisch medewerkers, kinderen, ouders en collega’s vormen het hart van het werken binnen Puck&Co. Om dit te realiseren zijn in de Wet IKK (Innovatie Kwaliteit Kinderopvang) regels vastgelegd over begeleiding en coaching van medewerkers bij hun dagelijkse werkzaamheden door pedagogisch beleidsmedewerkers, trainers en coaches.  Om de inzet van de Pedagogisch beleidsmedewerker/coaches te berekenen is de volgende rekenregel van toepassing: (50 uur x het aantal kindercentra)voor beleidscoaching + (10 uur x het aantal fte pedagogisch medewerkers) voor individuele coaching. Op  www.1ratio.nl/rpb staat de rekentool waarmee het minimum aantal uren berekent kunnen worden.

Coaching en begeleiding, zoals omschreven in de wet IKK, wordt uitgevoerd door hiervoor opgeleide pedagogisch beleidsmedewerkers, coaches en/of trainers.

De pedagogisch beleidsmedewerker bewaakt de veranderingen op het gebied van wet- en regelgeving en de maatschappelijke ontwikkelingen in de kinderopvang. Wijzigingen worden vertaald naar de praktijk, hiervoor ontwikkelt hij beleidsstukken en procedures. Vanuit het  pedagogisch beleid worden concrete activiteiten, opleidingen, methoden en/of instrumenten ontwikkeld.

Bij coaching “on  the job” werkt de coach met de pedagogisch medewerkers van de locaties. Daartoe coacht en inspireert hij de medewerkers, daagt ze uit. De coach creëert een vertrouwensband met medewerkers. Hij zet mogelijkheden en kwaliteiten van de medewerkers zo optimaal mogelijk in. Daarnaast kan hij knelpunten en/of hiaten in de werkzaamheden, kennis en vaardigheden van medewerkers/ teams signaleren en de coaching behoeften achterhalen. Op basis van een (individueel dan wel groepsgericht) coaching plan bewaakt hij de kwaliteit van het functioneren van medewerkers in de praktijk.

Een opleider binnen Puck&Co heeft 3 belangrijke taken, te weten het overbrengen van de inhoud, begeleiden van het groepsproces en het geven van feedback door middel van het voeren van coachingsgesprekken.

Puck&Co vindt het belangrijk dat medewerkers zich voortdurend ontwikkelen om bekwaam en duurzaam inzetbaar te blijven. Medewerkers zijn hierbij verantwoordelijk voor hun eigen ontwikkeling. Dit betekent dat er ruimte moet zijn voor diversiteit en maatwerk. Opleidingen, coaching en 1 op 1 gesprekken dragen bij aan dit proces.

Puck & Co heeft een opleidingsaanbod dat voortkomt uit het kwaliteitsbeleid en voldoet aan de wettelijke eisen gesteld vanuit de CAO en wet- en regelgeving. Dit opleidingsaanbod is deels vormgegeven in locatiespecifieke scholingsplannen. Hierin worden ook de punten meegenomen die voortkomen uit de coachingsgesprekken, werkbesprekingen, teamoverleggen, functioneringsgesprekken en opleidingen.

In de Cao Kinderopvang is opgenomen dat alle medewerkers jaarlijks een ontwikkelgesprek hebben met hun leidinggevende. Puck&Co vindt dat er meer voor nodig is om medewerkers job fit te houden, dan 1 keer per jaar een gesprek te voeren. Voor goede resultaten is het nodig om een “continue dialoog” te voeren met werknemers over waar de medewerker staat en hoe de medewerker zich verder wil ontwikkelen.

Bij Puck&Co maken het pedagogisch beleidsplan, de werkplannen, de monitor veiligheid en gezondheid en het deskundigheidsbevorderingsbeleid deel uit van een PDCA-cyclus, waarmee het kwaliteitsbeleid van Puck & Co wordt vormgegeven. De PDCA-cyclus voor het deskundigheidsbevorderingsbeleid ziet er als volgt uit; Puck &Co heeft de kwaliteit gedefinieerd door middel van de kernwaarden, deze wordt in de praktijk uitgevoerd door de pedagogisch medewerkers vervolgens checken we deze kwaliteit d.m.v. “kijkwijzers”.  Vanuit een analyse van de kijkwijzers volgt er een ontwikkelplan voor zowel de individuele werknemen als een opleidingsplan voor het gehele team van een locatie.

Inhoudsopgave:

Onderwijs

Een goed voorbereide omgeving

De pedagogisch medewerkers van Puck&Co volgen voortdurend trainingen om hun deskundigheid en professionaliteit in stand te houden of te verbeteren. Na een scholing die gezamenlijk gevolgd is, is het belangrijk dat de opgedane kennis en vaardigheden vastgehouden worden. Binnen Puck&Co kennen wij een professioneel klimaat, waarbij pedagogisch medewerkers met elkaar samenwerken en elkaar feedback durven en kunnen geven. Dit gebeurt tijdens vaste overlegmomenten, maar ook daarbuiten.

De inhoud van de trainingen is beschreven in het Pedagogisch beleidsplan en in het Opleidingsplan.

3.1 Samenwerking tussen de groepen

Pedagogisch medewerkers van eenzelfde vestiging zien en spreken elkaar regelmatig, over praktische zaken, maar ook voor inhoudelijk overleg.

Tussen de verschillende groepen binnen eenzelfde vestiging is er bijvoorbeeld regelmatig contact om ideeën en informatie uit te wisselen. Wanneer een kind overgaat naar een volgende groep, de BSO of naar school vindt er een overdracht van gegevens plaats. Binnen Puck&Co wordt de ontwikkeling van de kinderen regelmatig geobserveerd en gevolgd door de mentor van het betreffende kind.

Deze informatie gebruikt de pedagogisch medewerker in het handelen met de kinderen en de gegevens worden vastgelegd in het observatiesysteem Konnect.

Wanneer een kind naar een andere groep gaat, wordt de informatie overgedragen. Dit gebeurt uiteraard altijd in overleg met de ouder. Tussen de groepen zal een mondelinge overdracht plaats vinden. Hierin zal het gedrag, observaties en eventuele bijzonderheden worden besproken.

 

3.2 Samenwerking derden

Wij werken veel samen met andere professionals die zich bezig houden met het opgroeien en opvoeden van jonge kinderen. Dit kan gaan om partners waar we op een specifiek inhoudelijk vlak mee samenwerken, scholen waar de kinderen naar uitstromen, BSO’s waar de kinderen naar toe gaan, BSO’s en scholen die samenwerken, om stagiaires die bij ons de kans krijgen om het vak te leren en vrijwilligers. Deze verschillende soorten partners lopen we langs.

a. partners waar we op een specifiek inhoudelijk vlak mee samenwerken

Partners waar in elke gemeente mee wordt samengewerkt, zijn het sociaal team en het consultatiebureau.

Denk aan bibliotheek, Boekstart, samenwerking met een verzorgingstehuis, school, samenwerking met de IJsselgroep, samenwerkingen bij de BSO’s, gezamenlijk aanbieden van activiteiten met de BSO en dagopvang. Binnen Kindcentrum Brede school Noord werken wij nauw samen met het consultatiebureau en hierdoor kunnen wij de kinderen met een VVE indicatie op de juiste manier begeleiden. Partners waar een samenwerking mee bestaat zijn:

  • Peuteropvang/Dagopvang: samenwerking bibliotheek; elk thema actuele boeken
  • Peuteropvang: boekenstart
  • BSO/Dagopvang: zorgcentrum Meulenvelden; gezamenlijke activiteiten met senioren
  • BSO: workshops met verschillende partijen -> sportverenigingen, kunstenaars en ondernemers
  • BSO: gymzaal ‘de Muizenberg’
  • BSO: Welcom
  • Peuteropvang/Dagopvang: gymlessen vanuit Welcom
  • Peuteropvang/Dagopvang: danslessen vanuit Dans je Fit
  • Dagopvang/Peuteropvang: kinderboerderij

b. scholen waar de kinderen naar uitstromen

Ieder kindcentrum werkt op verschillende manieren met scholen samen. Het kan hierbij gaan om praktische zaken, zoals activiteiten die gezamenlijk worden uitgevoerd of om overleg over ruimtes die samen gedeeld worden. Het kan ook gaan om meer inhoudelijke zaken, zoals de uitwisseling van kennis, zorgen voor een vloeiende doorgaande lijn en het overdragen van gegevens en informatie over kinderen die doorstromen. We lichten de vloeiende doorgaande lijn en de overdracht van gegevens verder toe.

Doorgaande lijn

Er wordt op de volgende manier gezorgd voor een doorgaande lijn tussen kinderopvang en de school/ scholen.

De doorgaande lijn ziet er inhoudelijk als volgt uit:

  • De Konnectobservaties worden besproken met ouders, als zij hier schriftelijk toestemming voor geven dan dragen wij de gegevens over naar desbetreffende basisschool of opvangvorm. Ouders krijgen deze gegevens mee. Indien gewenst kan een leerkracht altijd contact opnemen met de pedagogisch medewerker om de gekregen informatie te verduidelijken.

Overdragen van gegevens van kinderen die doorstromen

Wanneer kinderen van de peutergroep naar de basisschool gaan, wordt er door de mentor van het kind op basis van de observaties een overdrachts-formulier ingevuld. Op alle locaties van Puck&Co wordt gebruik gemaakt van een overdrachtsformulier. Per gemeente zijn er afspraken gemaakt over de inhoud en vormgeving van het overdrachtsformulier, waar Puck&Co zich aan houdt.

Op het overdrachtsformulier wordt weergegeven wat de stand van zaken is met betrekking tot de ontwikkeling van het kind op het gebied van taal-, reken-, sociaal emotionele-, en motorische ontwikkeling. Ook komen (eventuele aandachts-punten met betrekking tot) de vier pedagogische doelen terug in de overdrachtsformulieren.

Het overdrachtsformulier wordt met ouders besproken tijdens het afsluitende gesprek, zij zetten bij goedkeuring hun handtekening onder het overdrachtsformulier en krijgen hier een kopie van. Ons Kindcentrum Brede School Noord houdt een kopie van het overdrachtsformulier en het originele overdrachtsformulier gaat naar desbetreffende school. Voor niet geïndiceerde kinderen hebben ouders hier een keuze in.

De mentor van het kind zorgt dat het formulier bij de juiste personen terecht komt. Dit wordt de koude overdracht genoemd. Wanneer een pedagogisch medewerker behoefte heeft aan een mondelinge toelichting bij de overdracht wordt er, na goedkeuring van ouders, een zogenoemde warme overdracht geregeld. Bij dit gesprek zijn leraar, eventueel consultatiebureau en pedagogisch medewerker aanwezig. Bij kinderen met een VVE indicatie wordt er altijd een warme overdracht gepland, dit gebeurt met de leerkracht van het kind en/of de Intern Begeleider van school.

 

c. BSO’s en scholen die samenwerken

De samenwerking tussen de BSO en scholen is te vergelijken met de samenwerking tussen de kinderopvang met scholen. Deze samenwerking is intensief vanwege het feit dat beiden met dezelfde leeftijd van de kinderen werken. Bij deze samenwerking gaat het om afstemmen van praktische zaken, zoals activiteiten die gezamenlijk worden uitgevoerd of om overleg over ruimtes die samen gedeeld worden. En om meer inhoudelijke zaken, zoals zorgen voor een vloeiende doorgaande lijn en het uitwisselen en overdragen van gegevens en informatie over kinderen. We lichten de doorgaande lijn en het uitwisselen en overdragen van gegevens verder toe.

Doorgaande lijn BSO kinderen

Er wordt op de volgende manier gezorgd voor een doorgaande lijn tussen school en de BSO.

De vloeiende doorgaande lijn ziet er inhoudelijk als volgt uit:

  • Bij de kinderen van de BSO hebben wij, na overleg met ouders, contact met school over desbetreffende kind.;
  • Bij kinderen die meer begeleiding nodig hebben kunnen wij, door korte overlegmomenten in te plannen met school, de begeleidingsstijlen doorvoeren waardoor wij met school op 1 lijn komen te zitten. Hierdoor krijgt het kind op meerdere vlakken dezelfde begeleiding die hij/zij nodig heeft.
  • Indien gewenst wordt er een plan van aanpak gemaakt voor een kind, om de doorstroom naar de BSO te bevorderen.

Uitwisselen en overdragen van gegevens

(Observatie)gegevens, rapportages en andere informatie van kinderen die op de BSO zitten worden met de school uitgewisseld. De BSO levert informatie aan school en school aan de BSO. Concreet ziet deze uitwisseling er als volgt uit:

  • Informatie met betrekking tot kinderen gaat altijd in overleg met ouders.
  • Leerkrachten en pedagogisch medewerkers kunnen samen overleggen indien zij de gekregen informatie verduidelijkt willen hebben.

d. Stagiaires die bij ons de kans krijgen om het vak te leren

Puck&Co geeft stagiaires van verschillende opleidingen de mogelijkheid bij ons stage te lopen. Wij stellen ons graag open voor het (goed) opleiden van toekomstige medewerkers van de kinderopvang. Ook is een maatschappelijke stage mogelijk bij Puck&Co.

Stagiaires staan bij ons altijd boventallig op de groep en worden niet als volledige groepskracht ingezet. De stageperiode is afhankelijk van het leerjaar en de opleiding en kan variëren van een half jaar tot een jaar gedurende twee tot drie dagen per week.

De stagiaires worden door 1 bevoegde, pedagogisch medewerker van de locatie begeleid.

Als stagiaire houd je je bezig met het ondersteunen van de begeleiding en verzorging van kinderen in de leeftijd van 0-4 jaar, 2-4 jaar of 4-12 jaar afhankelijk van de groep waar de stagiaire geplaatst wordt, zowel individueel als in groepsverband.

Stagiaires gaan ons ondersteunen in:

  • het creëren van een warme en veilige omgeving;
  • kinderen positief bij te laten dragen aan de groepssfeer;
  • met spelactiviteit;
  • met organisatie en voorbereiding van speciale gelegenheden (verjaardagen, Sinterklaas,
    Moederdag, Sint Maarten, Kerstmis, Vaderdag).
  • kinderen helpen bij het in acht nemen van hygiëne,
  • met verschonen 
  • bij zindelijkheidstraining.
  • huishoudelijke activiteiten
  • beheren van materialen
  • schoonhouden van de groep

Wij achten stagiaires bereid te zijn zich te blijven ontwikkelen door functioneringsgesprekken en evaluatiegesprekken.

Bij inzet van verzorgende taken, zoals het verschonen van luiers, naar bed brengen en uit bed halen, het voorbereiden en geven van (fles) voeding, gebeurt in eerste instantie onder toezicht van een vaste pedagogisch medewerker. Op het moment dat de begeleidende pedagogisch medewerker en de stagebegeleider vanuit de opleiding ervan overtuigd zijn dat de vaardigheden die hierbij noodzakelijk zijn voldoende beheerst worden, mag een stagiaire (niveau 3 of 4) deze taken zelfstandig uitvoeren. Uiteraard blijft er altijd een pedagogisch medewerker in de buurt.

e. Overige hulp

Binnen Kindcentrum Brede school Noord betrekken wij derden bij het stimuleren van de ontwikkeling van de kinderen door middel van;

  • Ouders die helpen bij een thema, activiteit of een uitje
  • Opa’s en of oma’s die komen helpen, dit kan zijn bij een thema of activiteit als bijvoorbeeld voorlezen
  • Vrijwilligers op de peuteropvang helpen bij een thema of activiteit. Tevens zijn zij als ondersteuning op de groep aanwezig. Op de kinderopvang en BSO werken wij niet met vrijwilligers.

Inhoudsopgave:

Kennis delen

De reis van de ouder

De opvoeding binnen het gezin en de kinderopvang liggen in elkaars verlengde. Ouders zijn deskundig en eindverantwoordelijk waar het hun eigen kind betreft. De pedagogisch medewerkers zijn deskundig voor wat betreft de opvoeding van kinderen in het algemeen en de opvoeding in de groep. Wij zijn partners van de ouders. In dit hoofdstuk gaan we in op dit partnerschap tussen ouders en pedagogisch medewerkers.

4.1 Samenwerking met ouders

De kwaliteit van de kinderopvangvoorziening, dan wel het welzijn van een kind tijdens de opvang is in sterke mate afhankelijk van de relatie en samenwerking tussen ouders en pedagogisch medewerkers. Wij vinden het belangrijk dat er sprake is van wederzijdse betrokkenheid en contact. Dit betekent voor ons dat wij open staan en respect hebben voor de stijl van leven van ouders, de visie en meningen van ouders. En dat wij belangrijke informatie vanuit Puck&Co of informatie over kinderen, delen met ouders (zie het kopje ‘openheid en respect’). Van ouders verwachten wij dat belangrijke informatie (over het kind, de opvoeding of ons kinderdagverblijf) met ons wordt gedeeld. Dit stelt ons in de gelegenheid om bijvoorbeeld beter in te kunnen springen op situaties die spelen in het leven van de kinderen.

Wij kunnen gedrag beter begrijpen door erover te praten of adequaat naar te handelen

Ouders die zich niet kunnen vinden in de werkwijze van Puck& Co kunnen dit met ons delen, dan zijn wij in de gelegenheid dit verschil van mening met ouders te bespreken en onze werkwijze wellicht aan te passen. Alles in een open, respectvolle en eerlijke communicatie. Naast de dagelijkse contacten en de formelere ontmoetingsmomenten (zie het kopje ‘openheid en respect’), stimuleren wij informeel contact en betrokkenheid van ouders door ontspannen ontmoetingsmomenten te creëren, bijvoorbeeld een zomerfeest, een ouderavond of een themaochtend.

Partnerschap en samenwerking tussen ouders en pedagogisch medewerkers betekent ook dat wij ouders betrekken bij het stimuleren van de ontwikkeling van de kinderen. Wanneer het stimuleren van de ontwikkeling van de kinderen, zowel thuis als op de kinderopvang gebeurt, komt dit de ontwikkeling van de kinderen ten goede.

Binnen Kindcentrum Brede school Noord betrekken wij de ouders bij het stimuleren van de ontwikkeling van de kinderen door middel van:

  • Hulp bij activiteiten
  • Informatieve ouderavonden (themagericht)
  • Afsluiting van thema’s
  • Workshops
  • Knutselavonden ter voorbereiding aan een thema

4.2 Visie op het opvoeden met verschillen in normen en waarden

Er kan verschil bestaan in normen en waarden die de ouders en Puck&Co hanteren. Wij gaan hier graag over in gesprek met de ouders en met elkaar als team. “Hoe gaan wij bijvoorbeeld om met feestdagen die niet bekend zijn in Nederland?”.

Wij vinden het belangrijk dat kinderen leren omgaan met verschillen tussen mensen en culturen. We praten hier met hen over en leggen verschillen uit. We lezen boekjes over het onderwerp. We proberen verschillen begrijpelijk te maken door het in een spelvorm te gieten, bijvoorbeeld door kinderen elkaar te laten vergelijken in de spiegel. En bij de inrichting (van de hoeken) houden wij rekening met verschillende culturen, zodat alle kinderen zich bij ons thuis kunnen voelen. Denk hierbij aan de inrichting van thematafels en hoeken met Pasen, Kerst en het Suikerfeest.

4.3 Openheid, respect, communicatie en informatie delen

Om te komen tot een open, respectvolle communicatie en uitwisseling van informatie zijn er verschillende (in)formele gespreksmomenten en verschillende manieren waarop wij informatie met ouders delen. We zetten het op een rij:

(In)formele gespreks- en informatiemomenten

  • Rondleiding
  • Plaatsingsgespek
  • Kennismaken op de groep
  • Wennen, zie hiervoor symbool ‘opvang’ in dit pedagogisch werkplan
  • Evaluatiegesprek
  • Dagelijkse overdracht, brengen en ophalen
  • Incidenteel gesprek
  • Thema- en ouderbijeenkomsten
  • Ontwikkelgesprekken
  • Verdere informatie over het kind vanuit de ouder

Overige informatie vanuit Puck&Co:

  • Teamsamenstelling, zie hiervoor symbool ‘opvang’ in dit pedagogisch werkplan
  • Huishoudelijk reglement
  • Specifieke informatie over de locatie
  • Pedagogisch beleid / werkplan
  • Oudercommissie
  • Overplaatsing naar andere groep, zie hiervoor symbool ‘opvang’ in dit pedagogisch werkplan
  • Extra dagdelen, zie hiervoor de ‘tarieven en voorwaarden’
  • Ruilen, zie hiervoor ‘tarieven en voorwaarden’
  • Afmelding, zie hiervoor ‘tarieven en voorwaarden’

Naast de verschillende gesprekken die er met ouders plaatsvinden, wordt er op de volgende manieren informatie vanuit Puck&Co aan ouders verstrekt:

  • Bakjes
  • Memoborden
  • Thema, locatiegerichte nieuwsbrieven
  • Ouderavonden
  • Activiteitenplanning

Digitale middelen die Puck&Co inzet om ouders te informeren zijn:

  • E-mail
  • Website
  • Facebook
  • Quebble oudercommunicatie app (vanaf 2019 komt hier het Quebble ouderportaal bij)
  • Instagram

4.4 Oudercommissie (OC)

Puck&Co heeft op veel locaties een oudercommissie die als vertegenwoordiging van alle ouders van een locatie optreedt. De oudercommissie wordt betrokken en heeft adviesrecht inzake diverse beleidsmatige zaken op locatieniveau zoals: het algemeen beleid op het gebied van voeding, opvoeding, veiligheid en gezondheid; de openingstijden; het beleid rondom voorschoolse educatie; vaststelling en wijziging van de klachtenregeling; wijzigingen van de prijs van de kinderopvang en de kwaliteit van de opvang. De oudercommissie heeft minstens twee keer per jaar een overleg met de Locatieverantwoordelijke of een gedelegeerde.

Puck&Co heeft niet op elke vestiging een oudercommissie. De Wet Kinderopvang verplicht kinderopvanginstellingen tot het opstellen van een oudercommissie. Dat het formeren van een oudercommissie echter lang niet altijd lukt blijkt uit divers onderzoek in opdracht van het Ministerie. Daarom is er in een wetwijziging per 1 januari 2016 tevens een vorm van alternatieve ouderraadpleging opgenomen. Puck&Co komt tegemoet aan de alternatieve ouderraadpleging, door ouders van een vestiging zonder oudercommissie op de hoogte te stellen van de vergadermomenten van de bestaande oudercommissies. Dit gebeurt door middel van het ophangen van een notitie. Ouders kunnen zich op deze manier aansluiten bij een vergadering van een oudercommissie. Op deze manier voldoet Puck&Co aan de Wet Kinderopvang.

Kindcentrum Brede school Noord heeft een Oudercommissie. Tevens blijven wij door middel van nieuwsbrieven, flyers en bevragen van ouders intensief bezig met het werven van leden.

Voor eventuele klachten willen wij u verwijzen naar onze klachten procedure, deze ligt ter inzage op ons Kindcentrum en is daarnaast te lezen op onze website www.puckenco.nl

 

 

Inhoudsopgave:

Ontspanning

Een gezonde levensstijl

Binnen Puck&Co vinden wij een gezonde levensstijl erg belangrijk. Daarom kiezen wij bewust voor het integreren van bewegen, voeding en natuurbeleving. In dit hoofdstuk gaan we in op bewegen en natuurbeleving. Bij het symbool ‘opvang’ gaan we in op voeding.

5.1 Beweegkriebels

Door te bewegen worden verschillende ontwikkelingsgebieden bij de kinderen gestimuleerd.
Al vanaf het prille begin zijn er motorische vaardigheden aanwezig en worden deze ontwikkeld:

Voorbeelden van reflexen van een pasgeboren baby 

• Zuigreflex; Oogreflex: Stapreflex en kruipreflex: basis voor latere motoriek

De ontwikkelingsvolgorde van groot motorische vaardigheden heeft alles te maken met de biologische rijping, zoals het steviger worden van botten en spieren, de uitbreiding en specialisatie van het centrale zenuwstelsel en door de groei veranderende lichaamsproporties.

De mate van ondernemingslust of exploratiedrang van het kind beïnvloedt mede de motorische ontwikkeling

Voor de invloed van de omgeving is het van groot belang dat het kind ruimschoots de kans krijgt zich te bewegen. Hoe rijker het aanbod van de mogelijkheden, des te handiger en vaardiger het kind met zijn lijf zal omgaan. Ook zijn de vermogens die het kind in aanleg heeft meegekregen van invloed op de motorische ontwikkeling. Niet alleen de mate waarin, ook het tempo waarin het zenuwstelsel rijpt en ontwikkelt is in aanleg gegeven. Daarom richten wij de binnen- en buitenruimtes van Puck&Co zo in, dat kinderen vele motorische ervaringen op hun eigen ontwikkelingsniveau kunnen doen. De pedagogisch medewerkers hebben een actieve stimulerende taak op het gebied van bewegen.

Kinderen bewegen ook graag op muziek. Wij bieden de kinderen daarom regelmatig de gelegenheid om vrij te bewegen op muziek. Daarnaast bieden wij Bewegen op muziek aan. Aan de hand van thema’s gaat de pedagogisch medewerker met de kinderen aan de slag. Eén keer per week wordt er gymles gegeven en één keer per week dansles.

5.2 Kinderyoga

Puck&Co biedt speelse yogalessen aan, aan kinderen van 0 t/m 13 jaar. Kinderyoga staat voor plezier, bewegen, ontspannen en contact maken met jezelf, je omgeving en anderen.

Binnen Kindcentrum Bredeschool Noord wordt er op dit moment kinderyoga aangeboden door Nynke Bos.

Kinderen leren stevig met beide voeten op de grond te staan. Het bevordert de concentratie, het zelfvertrouwen en de groepsdynamiek. Dit alles in een veilige sfeer, zonder dat er sprake is van competitie of prestatiedruk. Tijdens de yogalessen leren  de kinderen op een speelse wijze balans te voelen tussen beweging en rust, spanning en ontspanning.

Binnen Kindcentrum Brede school Noord wordt er op dit moment nog geen kinderyoga aangeboden.

5.3 Inrichting binnenruimte

Binnen Puck&Co vinden we het belangrijk dat de kinderen ook binnen de ruimte hebben om zich te bewegen. En dat de ruimte het kind uitnodigt en uitdaagt om dingen te ontdekken en te onderzoeken. Bij de inrichting is rekening gehouden dat hier ruimte voor is.

De groepen worden gezellig en sfeervol ingericht zodat het kind zich er veilig en vertrouwd voelt. Ook worden er op vaste plaatsen regelmatig kunstwerken van de kinderen opgehangen, zodat het kind kan zien dat zijn creativiteit gewaardeerd wordt.

De inrichting van de binnenruimtes en de aanwezige materialen bij Puck&Co is aangepast aan de leeftijd van de groep kinderen dat gebruik maakt van de betreffende ruimte. 

Met de aanschaf van ons spelmateriaal houden we rekening met de verschillende kinderen en de verschillende ontwikkelingsstadia waarin zij zich bevinden. We proberen een gevarieerd aanbod te hebben waarin plaats is voor spelmateriaal in verschillende kleuren, van verschillende materialen vervaardigd met verschillende ontwikkelingsdoelen. We lopen de verschillende leeftijdsgroepen langs: 

Een baby (0 tot 1 jaar)

Bij baby’s is het mooiste ‘speelgoed’ de mens. Er valt van alles te ontdekken aan zichzelf, aan andere kinderen en aan de vertrouwde verzorgers. Naarmate de baby ouder wordt en zijn wereld groter wordt, ontstaat ook de interesse voor materialen en ‘speelgoed’. Bij een baby kan een stoffen doekje al een hele ontdekkingstocht betekenen en als speelgoed gezien worden.

Spelen is voor kinderen van essentieel belang, het heeft grote invloed op de ontwikkeling van het kind. De vroegste spelvormen zijn eenvoudige beweging- en manipulatiespelletjes bijvoorbeeld: trappelen met de benen, spelen met de vingers, duwen tegen een babygym, een bal rollen en het laten vallen van een blokje. Het vaak herhalen helpt de baby om het eigen lichaam en de mogelijkheden daarvan beter te leren kennen. De baby ontwikkelt vervolgens een gevoel van competentie.

Het spel blijft leuk omdat het verassend blijft: het hangspeeltje komt terug als er tegen aan wordt geduwd, de bal rolt weg of maakt ineens een geluid. Deze eerste vormen van spel stimuleren het zelfgevoel en de motorische ontwikkeling.

Kinderen van deze leeftijd hebben hun bewegingen nog niet zo goed onder controle, zodat er wel eens hardhandig met speelgoed en materialen wordt om gegaan. Stevig speelgoed is dan ook het beste. Kinderen zijn snel afgeleid daarom geven wij niet teveel speelgoed tegelijk.

Een baby stopt alles in de mond. Het speelgoed moet daarom regelmatig schoongemaakt worden en niet te zwaar of te klein zijn zodat het ingeslikt kan worden. Het speelgoed moet ook kleurecht zijn, mag geen scherpe uitsteeksels hebben of PVC bevatten.

Voor de baby’s wordt er buiten een afgeschermde hoek gecreëerd, zodat zij veilig en rustig kunnen spelen en ontdekken.

In de babygroep bieden wij materialen en speelgoed aan dat past bij hun interesse en ontwikkeling.

Een baby:

  • luistert graag naar een rammelaar, muziekdoosje, mobile
  • kijkt graag naar kleur en beweging; kleurige en bewegende figuurtjes boven de box
  • sabbelt en zuigt op een bijtring, rammelaar, plastic speelgoed
  • voelt de vorm van het materiaal; grijpmateriaal, knuffels, popjes van badstof of plastic
  • knijpt in piepbeestjes, zachte bal
  • kijkt, beweegt en grijpt naar baby gym, activitycenter, spiegeltje, trekpopje, bal met figuurtjes
    erin, duikelaar

Een dreumes (1 tot 2 jaar)

Kinderen van deze leeftijd vinden het heerlijk om ergens dingen in te doen- eruit te halen- erin te doen en dit eindeloos te herhalen. Ze zetten dingen graag in- en uit elkaar, duwen tegen dingen aan om te laten bewegen, gooien, stapelen en ontdekken dat dingen geluid maken. Bij een keukentje op de groep is het op deze leeftijd nog vooral belangrijk dat ze dingen in de kastjes kunnen zetten en er weer uit kunnen halen. Ze zullen nog niet echt met het keukentje gaan spelen, waar het voor bedoeld is. Al beginnen ze al wel handelingen uit de ‘grote mensen wereld’ na te doen: telefoneren, thee inschenken en opdrinken of een baby verzorgen. Bij de inrichting wordt er gezorgd dat de kinderen dit eenvoudige rollenspel kunnen laten zien. In de huishoek liggen een; telefoon, bezem, dweil, stoffer en blik, poppen, Maxi-Cosi, buggy, tasje, keukentje, winkeltje, verkleedkleren etc.

Bij de materialen op de groep wordt rekening gehouden met wat dreumesen graag doen:

  • stapelen; megablokken
  • kruipen; loopfietsje, loopkar, trekbeest
  • duwen, laden, lossen; een duwkar, poppenwagen, grote auto
  • sorteren; houten puzzels en gekleurde blokken
  • rijgen; grote kralen en een groot rijgblok
  • kijken en herkennen; prentenboeken met een plaatje per pagina, liedjes en opzegboekjes
  • tekenen met wasco en kleurpotloden

Een peuter (2 tot 4 jaar)

Peuters leren steeds meer samen te spelen en worden handiger doordat hun fijne motoriek zich ontwikkelt. Veel spelmateriaal staat op kindhoogte zodat het kind zelf kan kiezen en het zelf kan pakken. Hiervoor is de ruimte overzichtelijk ingericht en op ooghoogte van de kinderen gelabeld. Op deze wijze kunnen de kinderen gemakkelijk zelf kiezen en opruimen.

Kinderen van deze leeftijd spelen graag de volwassen wereld nog verder na. Hierbij kunnen ze al de handelingen uitvoeren die bij een ‘rol’ horen, bijvoorbeeld een dokter. Ze fantaseren er van alles bij, waarbij de aanwezige levensechte materialen hen helpen en tot spel uitdagen: werkbankje, dokterssetje, keukenspulletjes, winkeltje met spullen een garage etc.

Bij de peuters wordt er met het VVE programma Startblokken gewerkt. Hierbij wordt gewerkt met specifiek ingerichte (thema)hoeken om daarmee te zorgen voor betekenisvol spel waardoor de verschillende ontwikkelingsgebieden van peuters worden gestimuleerd.

De hoek waar de kinderen ‘dokter’ spelen, wordt bijvoorbeeld zoveel mogelijk ingericht als een dokterspraktijk.

Binnen Startblokken wordt er met thema’s gewerkt en de inrichting van de ruimte wordt aangepast op het thema waar op dat moment over wordt gewerkt in de groep. Daarbij wordt zoveel mogelijk de buitenruimte meegenomen. Ook daar kunnen zij een rol spelen, doordat er buiten ook verkleedkleren worden aangeboden, of gereedschap om de ‘kapotte’ auto’s te repareren. Of de was die binnen in de groep is gedaan, wordt buiten opgehangen. De materialen en het spel valt binnen een thema en wordt daarom regelmatig afgewisseld, waardoor het steeds de nieuwsgierigheid van kinderen wekt.

Naast deze thema gebonden activiteiten, wordt er ook met andere materialen rekening gehouden met de interesses van peuters: zwembadje, glijbaan, fietsen, autorijden

Wat een peuter verder graag doet:

Materialen die de taal- en rekenontwikkeling stimuleren op een wijze die bij peuters past.

  • teken- en schrijfmateriaal die past bij de interesse van de kinderen
  • knutselen met ‘open eind’ materiaal
  • passen en meten; puzzels, vloerpuzzels, kruiwagen, driewieler, step
  • bouwen/ construeren; grote en kleine blokken, kosteloos materiaal, lego – auto’s en treinen
    uit elkaar halen, houten trein met spoor
  • onthouden en combineren; memory, domino, lotto
  • ontdekhoek met verzamelingen die geteld, geordend en gemeten kunnen worden
  • samenspelen; eenvoudige gezelschapsspelletjes als kwartetten, bonte ballonnen en het spel
    in hoeken
  • fantaseren; verkleedkleren, handpoppen
  • kijken en luisteren; prentenboeken, voorleesboeken, muziek luisteren

Ieder jaar is er een budget voor de aanschaf van nieuw speelgoed. Dit ter vervanging van oud/kapot materiaal of ter aanvulling van het bestaande aanbod.

5.4 Inrichting buitenruimte

De buitenruimtes zijn zo ingericht dat de kinderen van verschillende leeftijden op een veilige manier op onderzoek uit kunnen gaan. Als er kinderen buiten zijn, zal er altijd toezicht zijn van minimaal één pedagogisch medewerker per groep. Op de BSO is er de mogelijkheid om via een toestemmingsformulier kinderen zonder toezicht buiten te laten spelen. Voor de veiligheid van de kinderen zijn er zo min mogelijk gevaarlijke obstakels buiten en staan er geen giftige planten. Om de veiligheid te waarborgen vindt er jaarlijks een controle plaats van de buitenspeeltoestellen, hiervan wordt een logboek bijgehouden.

Ook kunnen de peuters in de buitenruimte op avontuur door een buis en over een kleine boomstam lopen.

 

Door onze buitenruimtes zo groen en natuurlijk mogelijk in te richten, laten we de kinderen kennismaken met de natuur en brengen we ze respect voor de natuur bij

5.5 Avontuurlijk natuurlijk

Binnen Puck&Co vinden wij het belangrijk dat kinderen dagelijks naar buiten gaan, onder wisselende (uiteraard wel veilige) weersomstandigheden. Buitenspelen is gezond: kinderen kunnen er een frisse neus halen, hun weerstand opbouwen en hun energie kwijt. Verschillende jaargetijden en weersomstandigheden kunnen een extra/andere dimensie geven aan het buitenspelen en daar maken we soms bewust gebruik van.

Kinderen kunnen zich er vrij bewegen.

Buitenspelen bevordert de grove motoriek die bij kinderen op deze leeftijd erg in ontwikkeling is. Kinderen doen buiten heel andere ervaringen op dan binnen. Ze kunnen er op onderzoek uitgaan en er zijn vele natuurlijke materialen die uitnodigen tot fantasiespel.

Daarom bieden we de kinderen soms bewust geen materialen aan. Als het herfst is spelen ze bijvoorbeeld met de bladeren en de takken, wat hun fantasie prikkelt. 

Ook vinden er buiten kleine activiteiten plaats (samen zandkoekjes bakken, overgooien met de bal) en probeert de pedagogisch medewerker het spel van de kinderen te begeleiden of kinderen te observeren. Sommige kinderen hebben extra begeleiding van ons nodig omdat ze het nog niet prettig vinden om buiten te spelen.

Daar wij kunnen gaan we er op uit met de bakfiets of lopend, zo kunnen de kinderen de buitenwereld ontdekken en leren zij om te gaan met diverse verkeerssituaties.

5.6 Inrichting binnenruimte BSO

Binnen de BSO wordt er vaak gebruik gemaakt van gemeenschappelijke ruimtes met peuterspeelzaal of school. Puck&Co probeert zoveel mogelijk aan te sluiten bij de belevingswereld van kinderen, een uitdagende speel-leef en beleefwereld is daarbij van belang. De ruimte moet voor alle kinderen de mogelijheid bieden zich terug te trekken of juist in groepsverband activiteiten uit te voeren. Daarnaast wordt er bij de binnenruimte rekening gehouden met een aantal vaste routines. Zo zal er een mogelijkheid moeten zijn om met de groep iets te drinken of ergens te rusten. Dit kan door middel van vaste plekken of door een flexibele inrichting, waarbij er hoeken op verschillende plekken binnen een gebouw aanwezig zijn.

5.7 Inrichting buitenruimte, sport & bewegen en natuurbeleving

Er worden op de BSO dagelijks uitdagende buitenactiviteiten aangeboden om te stimuleren dat kinderen bewegen in de gezonde buitenlucht. Er wordt veel gespeeld op (school)pleinen. Daar is ruimte om te spelen, een spel te doen of samen te sporten.

Puck&Co stelt zich bij de BSO ten doel dat alle kinderen in aanraking komen met verschillende vormen van sport. We stimuleren de kinderen om te bewegen en plezier te hebben in het beoefenen van een sport.

De kinderen komen door deze manier van werken in aanraking met een breed scala van sport en spel. De pedagogisch medewerker probeert hierbij zoveel mogelijk te handelen naar de wensen van de kinderen. De kleinere kinderen in de groep ± 4-5-6 jaar worden extra begeleid bij het sporten, in het licht van veiligheid en geborgenheid.

De opvang bij onze BSO staat naast actief ook primair in het teken van natuurlijke activiteiten. Uitgangspunt daarin is dat de kinderen kennismaken met de natuur. Wij zullen met onze BSO locaties gebruik maken van de mooie bossen, parken, grasvelden en velden in onze omgeving.

Bij de BSO gaat het ontdekken steeds meer over in leren. De kinderen leren spelenderwijs over insecten, planten en bomen, hoe ze met een kompas kunnen wandelen en hoe ze hutten kunnen bouwen. Materialen die aan worden geboden kunnen kinderen bij deze ontdekkingstocht gebruiken.

De kinderen van de BSO kunnen op verschillende speelpleinen op school spelen.